Is psychologie een wetenschap?

· mei 8, 2019

Veel mensen vragen zich af of psychologie een wetenschap is. Velen zeggen dat het te subjectief is. Tegelijkertijd zeggen sommige mensen ook dingen als ‘Ik heb een talent voor psychologie. Ik kan naar elke persoon kijken en vertellen hoe hij in elkaar zit’.

Dit soort uitspraken laten ons zien hoe verwarde mensen omgaan met deze discipline. Je zou kunnen zeggen dat de meerderheid van de mensen niet weet wat het inhoudt om psychologie te studeren.

Om te kunnen concluderen of psychologie een wetenschap is of niet, moeten we eerst begrijpen wat een wetenschap is. Veel mensen geloven dat de wetenschap de onbetwiste drager van de waarheid is, omdat het de realiteit observeert en beschrijft. Die definitie is echter onjuist.

Is psychologie een wetenschap?

Een wetenschap is een tak van kennis die een domein van de werkelijkheid probeert te beschrijven, verklaren, voorspellen en wijzigen. In het geval van psychologie gaat het over menselijk gedrag en cognitieve processen.

Wetenschap heeft een praktisch doel. Het probeert bepaalde gebeurtenissen te begrijpen om ze in ons voordeel te kunnen gebruiken. Om dit doel te bereiken heeft het zijn eigen methodiek, de wetenschappelijke methode. De wetenschappelijke methode is een hypothetisch-deductieve strategie die wordt gebruikt om conclusies te trekken. Het bestaat uit een reeks stappen:

Man maakt verbindingen tussen mensen

Probleemstelling

Dit is de eerste stap van de wetenschappelijke methode. Het bestaat uit het zoeken naar een probleem waarvan de oorzaak of reden nog onbekend is. Een voorbeeld hiervan is om je af te vragen waarom alle dingen op de grond vallen of hoe mensen kennis opdoen.

Hypothese

Door observatie, deductie en bibliografische beoordeling kunnen we een reeks hypothesen ontwikkelen. Dit bestaat uit het theoretiseren over hoe het probleem zich voordoet. Hypothesen zijn niet waar of onwaar. Het zijn mogelijkheden die nog getest moeten worden.

Testen

Zodra we de hypothesen hebben, is de volgende stap om ze te testen om ze te bewijzen. Er moet een experiment worden ontworpen om de hypothesen te verifiëren. Dit experiment kan op veel manieren worden uitgevoerd. Bijvoorbeeld door middel van enquêtes, directe observatie en experimentele manipulatie.

Gegevensanalyse

Na het experiment gaan we verder met de statistische analyse van de gegevens. Als deze gegevens aantonen dat de hypothesen onjuist zijn, sluiten we ze uit. Als de gegevens de hypothesen echter niet hebben kunnen weerleggen, worden ze als bewezen beschouwd.

Het is belangrijk om te begrijpen dat we een hypothese nooit volledig kunnen bewijzen, omdat we geen toegang hebben tot alle gegevens. De term ‘bewezen’ geeft alleen aan dat we het nog niet hebben kunnen weerleggen.

Het bespreken van de resultaten

Dit is het belangrijkste onderdeel van de wetenschappelijke methode. Het zou niet logisch zijn om iets te ontdekken en het vervolgens niet te bespreken. Door de resultaten te bespreken, kunnen meer mensen ermee bekend raken.

Bovendien helpt dit om weer nieuwe problemen op te lossen. Daarnaast kunnen andere onderzoekers het experiment repliceren en meer bewijsmateriaal vinden als we de resultaten bespreken.

Het belangrijkste aspect van dit proces is het begrijpen dat de wetenschap zijn eigen hypothesen aanvalt om fouten te verminderen en dogma’s te voorkomen.

De wetenschap wordt voortdurend gecontroleerd, omdat het altijd mogelijk is om de geteste hypothesen in twijfel te trekken. Het is dus een dynamische methode die zich steeds aanpast aan nieuwe gegevens die zich voordoen.

Een ander belangrijk punt is het onderscheid dat sommige mensen maken tussen ‘harde wetenschappen’ en ‘zachte wetenschappen’. Biologie, natuurkunde en scheikunde vallen onder ‘harde wetenschappen’, wetenschappen die objectiever en gemakkelijk waarneembaar lijken.

Het is echter een vergissing om zo te denken. Net zoals we bijvoorbeeld door middel van waarneembare gebeurtenissen afleiden dat de zwaartekracht in de natuurkunde bestaat, kunnen we namelijk hetzelfde doen met angst, emoties of leerprocessen in de psychologie.

In beide gevallen doet de wetenschap geen uitspraak over wat er gebeurt, maar waarom het gebeurt. En om dat te doen, gebruiken zowel ‘harde wetenschappen’ als ‘zachte wetenschappen’ dezelfde methode.

Intuïtieve psychologie

Wij vormen allemaal intuïtieve theorieën over hoe de wereld werkt. Dit helpt ons om de controle te behouden en te voorspellen wat er gaat gebeuren.

We beschikken daarom allemaal over een intuïtieve psychologie die ons vertelt hoe wij denken dat anderen zich gedragen en waarom ze dat doen. Het is echter een ernstige fout om te denken dat deze overtuigingen correct zijn.

Intuïtieve psychologie is gebaseerd op mentale snelkoppelingen die gevormd worden door eerdere ervaringen. Afhankelijk van onze opvoeding, ervaringen en persoonlijke geschiedenis, zullen we bepaalde manieren hebben om waar te nemen wat er om ons heen gebeurt.

Deze oordelen zijn volledig subjectief. Ze maken daarom wel deel uit van ons leven, maar hebben niets te maken met de wetenschappelijke discipline van de psychologie.

Wetenschappelijke psychologie

Wetenschappelijke psychologie is het tegenovergestelde van intuïtieve psychologie. Dit houdt met name in dat het zich niet baseert op overtuigingen of oordelen om menselijk gedrag te verklaren.

In plaats daarvan gebruikt het de wetenschappelijke methode en experimenten om objectieve gegevens te verzamelen en te interpreteren. Psychologische concepten worden geboren als een resultaat van de uitgevoerde onderzoeken.

Vrouw die ergens over nadenkt

Weten wat het verschil is tussen mening en interpretatie zal ons helpen begrijpen dat psychologie een wetenschap is. Meningen zijn overtuigingen die we hebben ontwikkeld aan de hand van onze ervaringen. We kunnen bijvoorbeeld zeggen dat mensen goed zijn en dat de maatschappij hen corrumpeert omdat onze ervaringen overeenkomen met dit idee.

Interpretatie, daarentegen, bestaat uit het analyseren, ontcijferen en verklaren van een gebeurtenis door middel van wetenschappelijk verkregen gegevens.

Laten we voortbouwen op het vorige voorbeeld. Als gegevens niet kunnen aantonen of mensen goed of slecht zijn, zullen we dit vraagstuk moeten interpreteren vanuit een ander perspectief dat alle beschikbare informatie integreert.

Wetenschappelijke psychologie is geen kwestie van meningen. We kunnen het niet in dezelfde termen bespreken als de intuïtieve psychologie. De eerste is gebaseerd op de interpretatie van het verkregen bewijsmateriaal.

Het houdt daarom in dat we betekenis geven aan beschikbare informatie. De enige manier om de resultaten van een wetenschappelijk onderzoek in de psychologie te weerleggen is met objectieve gegevens die het tegendeel bewijzen.

Waarom vinden sommige mensen dat psychologie geen wetenschap is?

We hebben gezien dat psychologie dezelfde methoden gebruikt als wetenschap en dat het net zo geldig en betrouwbaar is als andere wetenschappen. Waarom twijfelen dan nog steeds zoveel mensen of het wel echt een wetenschap is of niet? Hieronder kijken we naar de drie voornaamste redenen waarom dit volgens ons gebeurt.

Allereerst zijn er nog steeds veel mensen die niet precies weten wat wetenschap inhoudt. De meeste mensen hebben er daarom een zeer onjuiste definitie van in gedachten.

Dit, samen met de onwetendheid van mensen over de instrumenten die worden gebruikt om gedrag en mentale processen te meten, leiden ertoe dat psychologie als subjectief en onwetenschappelijk wordt geclassificeerd.

De tweede reden is de pseudowetenschappelijke praktijken die voortkomen uit de psychologie. Helaas gebruiken veel mensen de term ‘psychologie’ om te verwijzen naar praktijken die geen gebruikmaken van de wetenschappelijke methode.

Als gevolg daarvan denkt een groot deel van de bevolking ten onrechte dat pseudowetenschap verbonden is aan psychologie. In werkelijkheid hebben ze echter niets met elkaar te maken.

Hoofd dat bestaat uit verkeersborden

Tot slot bestudeert de psychologie de mens. In de natuurkunde, scheikunde of andere wetenschappen ‘betrekken’ de resultaten amper mensen en worden ze aanvaard zonder enige weerstand. Het bestuderen van mensen is echter anders.

Als de resultaten indruisen tegen onze intuïtieve overtuigingen, proberen we dit cognitieve conflict snel op te lossen. Het is makkelijker om het gepresenteerde bewijs te negeren dan onze overtuigingen erover te herstructureren.

Conclusie

Als iemand je vraagt ​​of psychologie een wetenschap is, zou je antwoord een volmondig JA moeten zijn. Het is een zeer belangrijke discipline die ons in staat stelt onszelf te begrijpen, zowel individueel als in een groep.