Wat is cognitieve herstructurering precies?

mei 25, 2019

Wat zou er gebeuren als je partner je zou verlaten? Je zou je vreselijk voelen. Zou het wel echt zo erg zijn? Hoeveel andere verschrikkelijke dingen gebeuren er nog meer in de wereld? Hoeveel daarvan zijn er erger dan de relatie verbreken met je partner? Je kunt je afvragen waar al deze vragen vandaan komen. Nou, ze komen voort vanuit cognitieve herstructurering.

Cognitieve herstructurering is een techniek die zich richt op onze gedachten. Door deze techniek leren mensen schadelijke gedachten te vervangen door andere, minder kwaadaardige gedachten.

Zo is cognitieve herstructurering een van de meest suggestieve cognitieve gedragstechnieken binnen het repertoire van een psycholoog. Als we bepaalde gedachten veranderen, veranderen we de emoties die ermee gepaard gaan, wat kan leiden tot een beter welzijn.

De verschillende gedachtenprocessen van een vrouw

Een gedachte is een hypothese

Bij cognitieve herstructurering laat een therapeut de patiënt zijn of haar gedachten identificeren en hier vragen over stellen. Als gevolg daarvan zullen ze deze gedachten vervangen door meer geschikte gedachten, om de emotionele problemen die de eerste hebben veroorzaakt te verminderen of te elimineren.

Bij cognitieve herstructurering worden gedachten beschouwd als hypothesen. De therapeut en de patiënt werken samen om gegevens te verzamelen die bepalen of die hypothesen juist of nuttig zijn.

In plaats van de patiënt een aantal valide alternatieve gedachten voor te stellen, stelt de therapeut een reeks vragen, zodat hij of zij gedragsexperimenten kan ontwerpen die de patiënt evalueert en gebruikt om zijn of haar negatieve gedachten uit te testen.

Tot slot komen patiënten tot een conclusie over de legitimiteit of het nut van deze gedachten. Zoals je kunt zien, legt de therapeut de patiënt niets op. De patiënt trekt conclusies uit de experimenten.

Theoretische funderingen van cognitieve herstructurering

Cognitieve herstructurering is gebaseerd op de volgende theoretische veronderstellingen:

  • De manier waarop mensen hun ervaringen cognitief structureren oefent een fundamentele invloed uit op hoe ze zich voelen en handelen, en ook op de lichamelijke reacties die ze hebben. Met andere woorden, onze reactie op een bepaalde gebeurtenis hangt vooral af van de manier waarop we die gebeurtenis waarnemen, waarderen en interpreteren.

Stel je voor dat je een date hebt met een persoon die je nauwelijks kent. Je hebt een half uur gewacht en hij is nog steeds niet op komen dagen. Als je interpretatie is dat hij niet geïnteresseerd is in jou, dan zul je je verdrietig voelen en nooit meer contact met hem opnemen.

Als je echter denkt dat de reden waarom de persoon te laat is een tegenslag of verwarring over de afgesproken tijd is, zal je emotionele en gedragsreactie heel anders zijn. Aan de andere kant beïnvloeden affectie, gedrag en lichamelijke reacties elkaar en dragen bij aan het in stand houden van gedachten.

  • Je kunt de gedachten van mensen identificeren door middel van methoden zoals interviews, vragenlijsten en zelfregistraties. Veel van deze gedachten zijn bewust, terwijl anderen onbewust zijn. De persoon heeft er echter wel toegang toe.
  • Het is mogelijk om de gedachten van mensen aan te passen. In feite wordt het gebruikt om therapeutische veranderingen te bereiken.
Vrouw in therapie

Het ABC-model van cognitieve herstructurering

Cognitieve herstructurering is gebaseerd op een model dat veel auteurs (bijvoorbeeld Ellis, 1979) het ABC-model noemen.

In dit model verwijst de letter A naar een activerende situatie, gebeurtenis of ervaring. Bijvoorbeeld, beoordeeld worden door een persoon die we liefhebben of niet slagen voor een test.

De letter B staat voor de gepaste of ongepaste cognitie (gedachten) van de patiënt over de situatie (A). Cognitie verwijst ook naar cognitieve processen. Daaronder vinden we:

  • waarneming
  • aandacht
  • geheugen
  • redeneren
  • interpretatie

De aannames en overtuigingen van een persoon veroorzaken fouten in de informatieverwerking. Onder deze fouten of vooroordelen vinden we onder andere:

  • overgeneralisatie
  • filteren
  • dichotomisch denken
  • rampdenken

Tot slot verwijst de letter C naar de emotionele, gedragsmatige en fysieke gevolgen van B (cognities). Bijvoorbeeld, bang zijn en weglopen wanneer een blaffende hond ons benadert.

Emoties, gedrag en lichamelijke reacties beïnvloeden elkaar en helpen om de cognitie in stand te houden. In het ABC-model gaan cognities altijd vooraf aan emoties. Emotie kan echter een paar momenten zonder voorafgaande cognities bestaan.

Een basisveronderstelling van cognitieve herstructurering is dat cognities een belangrijke rol spelen bij het verklaren van menselijk gedrag en emotionele stoornissen.

Zoals je kunt zien, zijn volgens cognitieve herstructurering gebeurtenissen op zich niet verantwoordelijk voor onze emotionele reacties en gedrag. Onze verwachtingen en interpretaties van deze gebeurtenissen, en ook de daaraan gerelateerde overtuigingen, zijn dus verantwoordelijk voor hoe we ons voelen en hoe we handelen.

  • Leahy, R. L., & Rego, S. A. (2012). Cognitive Restructuring. In Cognitive Behavior Therapy: Core Principles for Practice. https://doi.org/10.1002/9781118470886.ch6
  • Shikatani, B., Antony, M. M., Kuo, J. R., & Cassin, S. E. (2014). The impact of cognitive restructuring and mindfulness strategies on postevent processing and affect in social anxiety disorder. Journal of Anxiety Disorders. https://doi.org/10.1016/j.janxdis.2014.05.012
  • Johnco, C., Wuthrich, V. M., & Rapee, R. M. (2014). The influence of cognitive flexibility on treatment outcome and cognitive restructuring skill acquisition during cognitive behavioural treatment for anxiety and depression in older adults: Results of a pilot study. Behaviour Research and Therapy. https://doi.org/10.1016/j.brat.2014.04.005
  • Marks, I., Lovell, K., Noshirvani, H., Livanou, M., & Thrasher, S. (1998). Treatment of posttraumatic stress disorder by exposure and/or cognitive restructuring: A Controlled Study. Archives of General Psychiatry. https://doi.org/10.1001/archpsyc.55.4.317