Oudere broers en zussen: maatjes en rolmodellen

· mei 19, 2018

Veranderingen in de gezinsdynamiek zijn een grote uitdaging. Schema’s, maaltijden, plezier. En hoe zit het met de manier waarop ouders hun focus veranderen en taken en verantwoordelijkheden verdelen? Degenen die oudere broers en zussen zijn, zullen weten waar we het hier over hebben. Het is echter belangrijk om hierover na te denken vanuit het perspectief van een kind dat ongeveer tussen de acht en tien jaar oud is.

Het is namelijk op die leeftijd dat kinderen zich bewust worden van het gegeven dat je tegelijkertijd twee emoties kunt voelen. Woede omdat er ineens iemand bij is gekomen en ze nu hun plaats moeten delen. Maar tegelijkertijd ook vreugde omdat dezelfde gebeurtenis tevens een aantal positieve kanten heeft.

Hun emotionele ambivalentie zou moeten worden gerespecteerd door de volwassenen in hun leven. Het geheim is om deze tegenstrijdige gevoelens uit te leggen en hen te laten weten dat je ze begrijpt.

Oudere broers en zussen: ergens tussen maatje en rolmodel

Voor ouders lijkt de uitdaging te liggen in het opvoeden van een ander gezinslid. Er is echter nog een andere uitdaging: het opnieuw afstemmen van de verwachtingen en verantwoordelijkheden van de eerstgeborene.

Het is een lastige balans die het leven van de oudere broers en zussen vaak moeilijker maakt. Het gevoel niet langer het enige kind te zijn kan hen op twee verschillende paden leiden – onverschilligheid of hyperverantwoordelijkheid – elk met even onheilspellende gevolgen.

“Wat een vreemde wezens zijn broers toch!”

Jane Austen

Oudere broer met zijn kleine broertje

Oudere broers en zussen kunnen zich bijvoorbeeld te veel ontfermen over de zorg voor hun kleine broertje of zusje. Ze kunnen zelfs de rol van vader of moeder gaan spelen wanneer die afwezig zijn. En mogelijk zelfs met hun ouders concurreren als die er wel zijn.

Maar de druk kan te hoog worden en ze het gevoel geven dat ze geen fouten mogen maken. Oudere broers en zussen moeten zich aanpassen aan hun nieuwe rol en verantwoordelijkheid krijgen in overeenstemming met hun leeftijd. Het is de taak van de ouders om eerlijk te zijn.

De band tussen broers en zussen

‘Hoe gaat zijn broer of zus ermee om?’ Vragen we wanneer er een nieuwe baby bij de familie komt. Oudere broers en zussen kunnen woedeaanvallen krijgen, nerveus zijn, jaloers, boos… Routines en gewoonten die zo belangrijk zijn voor de structuur en de emotionele en academische ontwikkeling van kinderen, nemen een scherpe wending en moeten opnieuw worden opgebouwd.

“Toen we opgroeiden, gedroegen mijn broers zich alsof het ze niets kon schelen, maar ik wist altijd dat ze een oogje op me hielden en er waren!”

-Catherine Pulsifer-

Twee zussen die samen lachen

Alle verantwoordelijkheid die het vereist om een ​​oudere broer of zus te zijn heeft echter ook een positieve kant: plezier, voldoening, geluk. Er is niets beter dan een ‘partner in crime’ te zijn en te hebben. Het is een onbeschrijflijke band. Geheimen delen, je hart luchten bij elkaar, samen nieuwe dingen beleven … het maakt allemaal deel uit van wat het betekent om een ​​klein broertje of zusje te hebben.

Het zaaien van de zaden van vertrouwen en genegenheid is belangrijk. Er zal een broederlijk of zusterlijk gevoel uit groeien, dat verder gaat dan alleen bloedbanden. En de relatie kan door de jaren heen transformaties ondergaan. Naarmate ze groter worden, zal hun band veranderen.

Het belangrijkste is dat beetje bij beetje het leeftijdsverschil minder belangrijk wordt, oudere broers en zussen worden namelijk ook vrienden.

“Naar de buitenwereld worden we allemaal oud. Maar niet voor broers en zussen. We kennen elkaar zoals we altijd waren. We kennen elkaars hart. Onderlinge grapjes delen we. We herinneren familieruzies en geheimen, familieverdriet en vreugde. We leven buiten de invloed van tijd.”

-Clara Ortega-