Leonard Cohen: van poëzie naar muziek

· september 17, 2017

Op 82-jarige leeftijd en met een lang leven achter zich heeft Leonard Cohen ons verlaten. Hij wist al dat zijn hart snel zou stoppen met kloppen; in een van zijn laatste interviews voor The New Yorker zei hij dat hij klaar was om te sterven en dat het enige wat hij nog wilde genoeg tijd was om het werk af te maken waaraan hij begonnen was.

Slechts een paar dagen voor dat interview kwamen we erachter dat de Zweedse Academie de Nobelprijs voor de Literatuur aan Bob Dylan toegekend had. Sommige mensen klaagden hierover, en niet zonder reden, als er iemand was die poëzie met muziek had verweven, dan was het namelijk wel Leonard Cohen. Als er iemand zo’n prijs verdiende voor zijn songteksten, zonder Dylan teniet te doen, dan was het wel Leonard Cohen. Vandaag de dag, nu dat hij er niet meer is, denken diegenen die het geluk hadden van zijn kunst te kunnen genieten dat het een mooi en welverdiend eerbetoon zou zijn geweest.

Vanaf deze plek, die nu iets verdrietiger is na zijn vertrek, willen we samen met jullie ons eer betuigen aan deze geweldig man.

“The doctors working day and night
But they’ll never ever find that cure for love
There ain’t no drink no drug
There’s nothing pure enough to be a cure for love”

-Leonard Cohen-

Een leven gewijd aan muziek en songteksten

Zijn songteksten spraken over onderwerpen als seksualiteit, religie, politiek en vereenzaming, maar bovenal spraken zijn boodschappen over liefde. Een gevoel dat, in zijn woorden, net zo sensueel, erotisch en evenwichtig verschijnt als het naakte lichaam van een vrouw. In zijn songteksten kent de liefde geen pijn door verlies. Integendeel, het is een liefde die heelt en geneest.

In eerste instantie begon hij met een akoestische gitaar, nadat hij een Spaanse gitarist hoorde werd hij verliefd op de akkoorden die uit de klassieke gitaar klonken. Een ander idool van hem was Layton, over wie hij zei: “ik leerde hem hoe hij zich moest kleden, hij leerde mij hoe ik voor altijd kon leven”.

Na het afronden van een afstudeerprogramma in New York, dat hij beschreef als “passie zonder vlees, liefde zonder climax”, keerde hij terug naar Canada, Montreal om precies te zijn, alwaar hij poëzie schreef, naast het hebben van andere baantjes die hem een inkomen gaven op dat moment.

Als rusteloze reiziger ontmoette hij de vrouw die de liefde van zijn leven zou worden op het eiland Hydra, in de Egeïsche Zee. Marianne Ihlen scheidde vervolgens van haar toenmalige man, een Noor genaamd Axel Jensen, met wie ze een zoon had. Het verhaal, zoals zij het vertelt, luidde dat ze huilend in een groentewinkel stond in de port van Hydra, toen een vreemdeling zijn medeleven uitte en haar uitnodigde bij hem en zijn vrienden. Die vreemdeling was Leonard Cohen, tevens de man met wie zij een gepassioneerde affaire begon die, met al zijn ups en downs, zeven jaar stand zou houden.

Het nummer So Long, Marianne had zelfs in eerste instantie de titel Come on, Marianne, als een poging om haar om nog een kans te vragen. Het was een liefde die nooit zou eindigen, net zo diep als zijn liefde voor woorden, of het nu zij in de literatuur, poëzie of in de muziek

Marianne stierf afgelopen juli, aan de gevolgen van leukemie, en liet een lege ruimte achter in Cohen, die hij niet kon en wilde vullen. “Weet dat ik vlak achter je ben en dat als je je arm uitstrekt, ik denk dat je de mijne kan aanraken”, schreef hij in een brief aan de liefde van zijn leven.

De Prinses van Asturiëprijs en zijn visie op poëzie

Toen de Prinses van Astruriëprijs in 2011 aan hem werd toegekend, gaf hij ons een speech die in het geheugen gegrift staat van allen die van poëzie houden. Cohen, met zijn elegante pak en scheve lach, die de vredige toon van iemand die gescheiden was van het leven gebruikte, zei dat de awards die hij ontving voor zijn werk als poëet ietwat misleidend waren.

Waarom? Hij vond dat de poëzie naar hem toekwam en daardoor iets was waar hij geen controle over kon uitoefenen. Op deze manier sprak hij met zijn bijzondere gevoel voor ironie, dat als hij wist waar ze was, hij haar gezelschap vaker op zou zoeken. Hij voelde zich dus een soort charlatan voor het ontvangen van een award voor iets waarvan hij geloofde dat het hem natuurlijk toekwam, niet verdienstelijk.

Of zijn werk deze toekenning nu verdiende of niet, het moge duidelijk zijn dat zijn werk onbetwistbaar is en zijn kwaliteiten als schrijver een groot geschenk voor ons zijn. In zijn korte speech zei hij ook dat hij al veertig jaar een Spaanse gitaar had en dat hij elke keer dat hij naar Spanje ging de aandrang voelde om er even aan te ruiken. Hij zei dat telkens wanneer hij de geur van de gitaar opsnoof, hij het gevoel had dat hout nooit verging.

Door zijn werk, zijn genialiteit, verzekerde hij ons dat hij als hout zou zijn: in onze harten, hij zal nooit sterven.