Hoe je houding je probleemoplossende vermogen beïnvloedt

maart 27, 2017 in Psychologie 66 gedeeld

Op bepaalde momenten ontaardt het kleinste probleem in een onverwacht grote beproeving. Dit kan natuurlijk komen omdat je toevallig een slechte dag hebt, maar in de meeste gevallen heeft het meer te maken met je mentale houding ten opzichte van een probleem of situatie. Dát is wat je werkelijk belemmert de juiste oplossing te vinden.

Strategieën gebruiken die je in het verleden al eens geholpen hebben om soortgelijke problemen op te lossen, kán een verstandige aanpak zijn. Maar als dat niet blijkt te werken en je desondanks volhardt in dezelfde tactiek, dan is dat geen goede gewoonte en blijft een echte oplossing buiten bereik. Het getuigt van meer intelligentie als je zo’n vertrouwde werkwijze dan ook weer los kunt laten, zodat je op zoek kunt gaan naar geschiktere alternatieven.

Hoe je geestelijke gezindheid je probleemoplossende vermogen beinvloedt

Wat het oplossen van problemen betreft, bespaart het hebben van de juiste houding je gegarandeerd een hoop tijd en ongemak. De eerste stap in deze constructieve benadering is het toepassen van zogeheten actieve copingmechanismen, in plaats van te vervallen in vluchtgedrag (zoals vermijden, ontsnappen of proberen het probleem te negeren). Er zijn fases waarin wachten tot de situatie als het ware zichzelf oplost en waarbij niet direct jouw ingrijpen vereist is, aan te bevelen valt. Soms heeft het geen zin of nut iets te willen forceren. Toch is passiviteit vaak niet het eerste devies, integendeel.

Vrouw

De tweede stap in het ontwikkelen van de juiste houding is om er consequent voor te kiezen om proactief te zijn en de verantwoordelijkheid op je te nemen om zelf een oplossing te vinden. En dat kan bij gelegenheid ook door het probleem simpelweg te laten verdwijnen, door geduld te hebben en er op een andere manier tegen aan te kijken, zodat het je zo min mogelijk belemmert of bezwaart.

De derde stap is het opstellen van een actieplan, een persoonlijke handleiding waarmee jouw specifieke doeleinden bereikbaar en behapbaar worden gemaakt. Op deze manier voorkom je namelijk de stress en bijbehorende ontmoediging van het alles in één keer moeten oplossen, alsof je een appel in zijn geheel probeert door te slikken.

Je mentale houding kan van waarde zijn

De geestelijke gewoonte om handelswijzen die in het verleden tot succes hebben geleid steeds opnieuw te herhalen, heeft zo zijn nut en voordelen. Door terug te grijpen op een koers die al meerdere malen bevredigende resultaten heeft opgeleverd, kun je snel tot de gewenste oplossing komen. Dit biedt tijdsbesparing, maar helaas creëert het soms juist meer problemen.

In je dagelijks leven zorgen ingesleten mentale reflexen en reacties er zo nu en dan voor dat betrekkelijk eenvoudige en voor de hand liggende oplossingen nodeloos complex worden gemaakt. Maar het omgekeerde kan ook gebeuren: dat een belangrijke beslissing nemen bijna onmogelijk wordt omdat je je geest niet kunt openstellen voor nieuwe perspectieven.

In algemenere zin kunnen vastgeroeste overtuigingen en gerationaliseerde routines voorkomen dat je doorslaggevende dingen ontdekt, omdat je in het focussen op het probleem te weinig ruimte laat voor flexibiliteit en out-of-the-box denken. En dat kan er weer toe leiden dat je de verkeerde beslissing neemt en mogelijke alternatieven niet ziet of niet voldoende op waarde schat.

Functionele fixatie

Functionele fixatie is de mentale gesteldheid waarbij je uitsluitend oplossingen ontwaart die binnen het gangbare of het te verwachten gebruik van een object horen. Onze geest is doorgaans geneigd zijn eigen cognitieve vooroordelen te volgen en dat maakt het moeilijk om je echt nieuwe oplossingen voor te stellen.

Gedachten

Functionele fixatie beperkt je vermogen om alternatieve oplossingen voor problemen te bedenken, bijvoorbeeld door voorwerpen op creatieve, niet-conventionele manieren in te zetten. Op zich hoeft dat niet per se slecht te zijn, maar het verkleint wel serieus je kans om dingen eenvoudiger te doen of zelfs om effectief situaties op te lossen die uiteindelijk toch niet zo ingewikkeld zijn als ze op het eerste gezicht lijken.

Een beroemd voorbeeld van functionele fixatie is Karl Dunckers ‘kaarsen-probleem’, een test die hij ongeveer 70 jaar geleden ontwierp. In dit experiment ontvangt de proefpersoon een handjevol items (een doosje punaises, lucifers en een kaars) en één simpele instructie: bevestig de kaars aan de muur zonder dat het kaarsvet naar beneden druppelt. Na afloop meten de onderzoekers vervolgens hoe lang de deelnemers erover deden om de opdracht naar behoren uit te voeren.

Dunker ontdekte dat de uitkomst significant veranderde als hij (precies) de(zelfde) items op een andere manier presenteerde. In het eerste scenario zaten de punaises in een kartonnen doosje, in het tweede scenario níet (en lagen ze los op tafel). In het algemeen hadden mensen minder tijdig nodig om de taak te voltooien in het laatste geval, waarbij het punaisedoosje in de beginopzet leeg was.

De verklaring is dat in het eerste geval het doosje zelf al impliciet een functie toegewezen was, namelijk als houder voor de punaies, en men daardoor diens cruciale rol in de oplossing over het hoofd zag. In het tweede geval, wanneer het doosje op tafel lag zonder punaises, werd het veel eerder her- en erkend als element dat nog een nieuwe functie kon krijgen.

Bekijk Ook