De existentiële psychotherapie: niets is echt tot je het ervaart

· november 19, 2018

Sören Kierkegaard is de vader van het existentialisme. Dit is een citaat van Kierkegaard: “Het leven is geen probleem dat moet opgelost worden maar een werkelijkheid die we moeten ervaren.” Het existentialisme is geïnteresseerd in de waarheid van het individu en wat hij werkelijk is en verlangt. De existentiële psychotherapie en psychologie gaan hand in hand met de existentiële filosofie die vóór de Tweede Wereldoorlog in Europa ontstaan is.

Kort daarna bereikte het de Verenigde Staten. Bekende psychologen als Allport, Rogers, Fromm en Maslow verwijzen uitdrukkelijk naar de existentiële filosofie. Anderzijds heeft de existentiële psychologie een grote invloed gehad op de humanistische psychologie. Die invloed was zo groot dat het enkele methoden en fundamentele aspecten overgenomen heeft.

De humanistisch-existentiële modellen

De existentiële analyse maakt deel uit van de zogenaamde humanistisch-existentiële modellen. Deze modellen verschenen in de jaren 60 in de Noord-Amerikaanse context als het resultaat van meerdere invloeden.

We moeten zijn evolutie ten eerste in het licht van zijn sociale en culturele gevolgen bekijken op de Noord-Amerikaanse scène. Daarna kunnen we zijn ontwikkeling in Europa bestuderen. In dit opzicht heeft het zich ook buiten de academische psychologie ontwikkeld.

We beschouwen het existentialisme als de derde kracht tegen het behaviorisme en de psychoanalyse. Toch mist het een professioneel model. Tegenwoordig beschouwt men de humanistisch-existentiële modellen als een reeks therapeutische procedures. Meestal worden ze losgekoppeld van de belangrijkste academische denkscholen.

De voornaamste antecedenten van deze modellen zijn dus het existentialisme en de fenomenologie. De denkschool van Franz Brentano heeft de fenomenologie ontwikkeld. Brentano richtte zich op de ervaring, de actieve natuur van de psyche en op de aard van elke psychologische daad. Bovendien had Brentano een grote invloed op de belangrijkste vertegenwoordiger van de fenomenologie: Edmund Husserl.

Volgens Husserl is de onmiddellijke ervaring van de daad de onthulling van de echte aard van de dingen. Daarom is het nodig om de ‘epoché’ of de fenomenologische houding aan te nemen. Dit betekent dat we het fenomeen in zijn zuiverste vorm moeten observeren. We mogen dus vooraf (vóór de ervaring) geen vooroordelen of overtuigingen installeren.

Jean Paul Sartre

De existentiële psychotherapie

Het centrale aandachtspunt van de existentiële psychotherapie is het existentiële project. Volgens J. P. Sartre gaat het bestaan vooraf aan de essentie. Dit betekent dat menselijke wezens niet verschijnen met inbegrip van een mens die zich moet ontwikkelen. Ze moeten die mens zelf vinden.

Sartre beschouwt de mens als een radicaal vrij en onbepaald wezen. Hij wordt echter beperkt door zijn feitelijkheid. Dat komt omdat je hem zonder die feitelijkheid niet zou kunnen begrijpen. Het existentiële project bepaalt menselijke wezens dus zelf.

“De mens is niet anders dan wat hij van zichzelf maakt. Dat is het eerste principe van het existentialisme.”

-J. P. Sartre-

Het volgende citaat is van José Ortega y Gasset. Het kan wellicht de belangrijkste focus van de existentiële psychotherapie uitleggen: om te leven moet je altijd iets doen (al is het alleen maar ademen). De doelstelling van de existentiële psychotherapie is de structuur ontleden van wat we in het leven doen.

Binswanger noemt die structuur ‘Dasein’. Sartre noemde dit daarentegen een existentieel project. L. Martín-Santos heeft deze traditie in 1964 in Spanje ontwikkeld. Daarnaast is er ook M. Villegas die momenteel met deze methode aan het werk is.

Villegas heeft de existentiële psychotherapie omschreven als ‘een methode voor interpersoonlijke relaties en psychologische analyse’. De doelstelling is om voldoende zelfkennis en autonomie op te wekken zodat iemand op een vrije manier zijn bestaan kan opnemen en ontwikkelen.

De existentiële psychotherapie verheldert en creëert inzicht in de waarden, de betekenissen en de overtuigingen die het individu heeft toegepast (als strategieën) om de wereld te begrijpen.

Het zoekt naar bewijzen van de aannames die onze manier van leven bepalen sinds het moment waarop we begonnen te twijfelen aan ons eigen bestaan.

De existentiële psychotherapie

Psychotherapie in de humanistisch-existentiële modellen

Vanuit het psychotherapeutische standpunt is het meest essentiële kenmerk van de humanistisch-existentiële modellen het belang dat ze geven aan de onmiddellijke ervaring als het voornaamste fenomeen. Dit houdt in dat de theoretische verklaringen en het zichtbare gedrag beide ondergeschikt zijn aan de ervaring zelf en de betekenis die de persoon eraan geeft.

Deze modellen leggen de nadruk op de wilskracht, op de creativiteit en op het vermogen te evalueren die aspecten zijn van het menselijk gedrag. Deze klemtoon is heel kenmerkend voor deze modellen. Verder dan deze algemene kenmerken is het moeilijk om over andere basisbegrippen te spreken.

We moeten hiervoor verwijzen naar de specifieke theorieën waarin deze modellen logisch lijken. Deze theorieën zijn de existentiële analyse, de persoonsgerichte benadering, de gestalttherapie, de transactionele analyse, psychodrama en de bio-energetica.

Existentiële leegte als psychopathologische stoornis

De existentiële leegte als een psychopathologische stoornis

We hebben het al vermeld. Het voornaamste idee binnen de existentiële psychotherapie is het existentiële project. Het doel van deze psychotherapie is dit project ontleden en veranderen.

Deze psychotherapie probeert dus niet om de externe, fysieke of sociale realiteit te veranderen maar de persoon en zijn perceptie van de dingen. Dit komt omdat men er op een radicale manier van uitgaat dat dit het enige is dat van zichzelf afhangt. Het is ook het enige waar er sprake is van een groter vermogen tot controle.

“Het leven heeft a priori geen zin… Het is aan jou om het betekenis te geven en waarde is niets anders dan de betekenis die jij kiest.”

-J. P. Sartre-

Het doel is om het individu terug te brengen zodat hij zichzelf in handen kan nemen en zichzelf bepalen. Dit houdt ook in dat we hem op een bepaald moment met zichzelf confronteren.

Het individu voelt zichzelf vaak verloren of vervreemd. Hij doet dan pogingen om de problemen op te lossen die zijn radicale keuzevrijheid veroorzaakt. De analyse van de structuren van zijn wereld heeft als doel de manieren en de punten van vervreemding te ontdekken.

Dat is immers de enige manier waarop zijn vrijheid volledig kan hersteld worden. Bovendien verwerft hij een alternatieve reconstructie van zijn ervaring. Volgens de existentiële therapie is niets reëel tot het individu het ervaren heeft.

De existentiële psychotherapie beschouwt de verschillende psychopathologische stoornissen als niet-oprechte wijzen van bestaan. Het zijn stagnaties of existentiële leegtes, het verlies van vrijheid of berusting. Het zijn mechanismen om met de wereld om te gaan of ontkenningen dat men ‘in de wereld is’ (Villegas, 1981).

Tot slot

Tot slot kunnen we zeggen dat het niet gemakkelijk is om duidelijk uit te leggen wat de existentiële psychotherapie is.

We kunnen echter zeggen dat het een persoonlijke analyse bevordert. Die analyse moedigt de mogelijkheid aan om in het leven individuele schema’s uit te kiezen en op te bouwen. Bovendien beweert men dat deze psychotherapie het dagelijks leven van een individu verandert en versterkt door een filosofische aanpak te gebruiken.