De humanistische psychologie van Carl Rogers

· oktober 5, 2018

De humanistische psychologie van Carl Rogers was zo gerespecteerd dat mensen het in zijn tijd “de stille revolutie” noemden. Hij droeg zijn fundamentele optimisme over aan de psychotherapie omdat hij vond dat we allemaal verdienden de persoon te worden die we willen zijn. Hij praatte over authentieke relaties en onze behoefte om te “bloeien.” Hij wilde niets liever dan dat wij als mensen alles uit het leven zouden halen.

Er bestaan meer dan genoeg persoonlijkheidstheorieën binnen de psychologie. Wel hebben ze allemaal wel iets met elkaar gemeen, zoals onderliggende hypotheses en aandachtspunten. Als je slechts een klein beetje onderzoek doet naar de brede reeks van interessante theorieën, kom je de theorie van Carl Rogers tegen. Deze springt dan ook op zijn eigen manier in het oog. Het was namelijk zijn theorie en zijn positieve visie die de nodige verandering bij de psychotherapie heeft aangebracht.

“De merkwaardige tegenstrijdigheid is dat pas wanneer ik mezelf accepteer zoals ik ben, ik mezelf kan veranderen.”
-Carl Rogers-

Het begin van de verandering

Bij psychoanalyse en behaviorisme wordt een passieve, deterministische visie gehanteerd. Deze werd aan de kantlijn gezet door de humanistische psychologie. Carl Rogers werd (en wordt) mede daardoor gezien als één van de meest invloedrijke psychotherapeuten ooit. Hij besprak namelijk menselijke vrijheid in plaats gedragingen volgens vaste wetten. Hij benadrukte ons vermogen om ons vooruit te bewegen en een betere wereld op te zetten. Hij moedigde ons aan om verantwoordelijkheid voor onszelf te nemen en om onszelf open te stellen voor nieuwe ervaringen. Rogers dacht dat we dit konden doen met behulp van ongerichte therapie met het vergroten van zelfkennis als hoofddoel.

De humanistische psychologie van Carl Rogers had in feite een erg belangrijk, concreet doel: het makkelijker maken van het bieden van hulp. Na de Tweede Wereldoorlog bood hij zelfs persoonlijk aan om psychologische hulp te verlenen aan oorlogsveteranen. Deze waren dikwijls gehandicapt en/of getraumatiseerd door de oorlog. Toentertijd werden zulke mensen alleen door artsen behandeld. In de Verenigde Staten had nog nooit iemand op zo’n schaal en zo’n wijze emotioneel letsel geanalyseerd en behandeld.

Niet veel later werd hij uitgenodigd om naar Japan af te reizen om Japanse psychologen les te geven. Zij wilden namelijk ook de technieken en zijn manier van hulpverlening leren beheersen. Zonder het volledig door te hebben, creëerde Rogers een nieuwe soort psychotherapie die de hele wereld op zijn kop zette. Hij werd hiervoor zelfs genomineerd voor de Nobelprijs voor de Vrede.

Carl Rogers

Carl Rogers humanistische psychologie

Carl Rogers (1902 – 1987) zijn eigen leven spiegelt één van de meest bekende delen van zijn theorie. Dit deel betreft zelfactualisering en de constante pogingen tot het vervullen van onze wensen. Dit staat ons toe om te ontdekken wat ons tot ons maakt terwijl we onze doelen nastreven. Misschien verrast het je dan ook om te horen dat Carl Rogers oorspronkelijk helemaal geen psycholoog was. Hij had ook geen plannen om er eentje te worden. Hij was in feite een landbouwwetenschapper.

Later in zijn leven raakte hij geïnteresseerd in Oosterse en Westerse religies. Vervolgens haalde hij zijn diploma’s in geschiedenis en godsdienstleer. Daarna voelde hij zich aangetrokken tot de wereld van de psychopedagogie. Met name het proces van zelfactualisering trok hem aan, welke het proces omvat waarin we daadwerkelijk onszelf worden. Sterker nog: het gaat om het worden van je beste zelf. Rond deze tijd leerde hij ook over de theorieën van één van zijn persoonlijke helden, John Dewey. Rogers leerde van Dewey dat scholing niet enkel op een intellectueel niveau hoort plaats te vinden. Je moet er ook emotioneel voor open staan.

Van patiënt naar cliënt

Gaandeweg ontdekte hij dus ook het existentialisme: een filosofische stroming die individuele vrijheid, verantwoordelijkheid en subjectiviteit benadrukt. Vervolgens begon hij boeken, studies en onderzoeken te publiceren. Dit deed hij totdat hij werd aangenomen als hoogleraar klinische psychologie. Het duurde hierna niet lang voordat hij de stap nam naar de humanistische psychologie. Dat lukte hem door zijn cliënt-gerichte therapie. Hij verafschuwde het idee van een “patiënt” als passieve deelnemer. In plaats daarvan liet hij ons zien dat mensen experts in hun eigen, persoonlijke groei konden worden. Volgens hem kon iedereen zijn eigen weg vinden en bewandelen.

De term “cliënt” was voor een duidelijke reden voor het eerst te zien binnen zijn humanistische psychologie: het suggereerde een gelijkheid tussen mensen en hun therapeut. Psychoanalyse, wat toentertijd erg populair was, deed het tegenovergestelde. Hij wilde zijn onvoorwaardelijke vertrouwen in het vermogen van de mens tot positieve verandering zo demonstreren. Rogers geloofde echt dat mensen psychologische veerkracht konden opbouwen en hun afweermechanismen konden afbreken. In zijn ogen kon ook iedereen vormgeven aan de fundamentele drang tot zelfverwezenlijking.

De fundamenten van humanistische psychologie

Er is één vraag die jullie jezelf waarschijnlijk allemaal wel eens hebben gevraagd: “Waarom overkomt mij dit?” Humanistische psychologie zou hierop met empathie antwoorden. Het zou proberen een band met je op te bouwen en interesse te tonen in de situatie waarin je je begeeft. Het is een trefpunt tussen twee mensen met één doel voor ogen. Het punt is namelijk om je ware “ik” te verkennen. Dat zal je namelijk tot meer bevredigende levenskeuzes leiden.

Laten we nu eens kijken naar een paar fundamentele punten binnen Carl Rogers humanistische psychologie.

“Binnen mijn relaties met anderen heb ik ondervonden dat het op de lange termijn niet helpt om te doen alsof ik iets ben dat ik niet ben.”
-Carl Rogers-

De behoefte om een functionele persoonlijkheid te ontwikkelen

  • We hebben allemaal zo onze doelen binnen handbereik. Het vinden van mentaal welzijn en absolute zelfontwikkeling is dan ook zonder twijfel mogelijk. Rogers zei wel dat de meesten van ons zulke dingen beschouwen als iets dat onhaalbaar is, of als fantasie. Welzijn is meer dan slechts een doel. Het is een continu proces waar je in het hier en nu moeite in moet steken.
  • Om een volledig functionele persoonlijkheid te ontwikkelen, moet je open staan voor ervaringen. Je kunt niet alleen je positieve emoties accepteren. Je zult ook je negatieve emoties onder ogen moeten komen in plaats van ervoor wegrennen.
  • Je moet je leven betekenis geven. We zijn allemaal verantwoordelijk voor onszelf. Daarom is het zo belangrijk om een actieve, receptieve en creatieve houding te hebben. Alleen zo kun je voldoening in de betekenis van jouw realiteit vinden.
  • Nog een belangrijk element van humanistische psychologie is zelfvertrouwen. Dit is een onschatbaar bezit dat binnenin onszelf dikwijls het risico op uitdoving loopt. Je moet dus leren om in je eigen normen te geloven. Wees dapper genoeg om belangrijke keuzes te maken en maak je minder zorgen om wat anderen van je denken of over je zeggen.
  • Crises zijn momenten waarin je kunt zoeken en stappen nemen naar een nieuwe kans. Dit moet je zelf aanvoelen, maar het is in ieder geval een essentieel idee om je persoonlijke groei te bevorderen.
Humanistische psychologie geïllustreerd

Humanistische psychologie beter begrijpen

Tot slot is er nog één ding dat je in gedachten moet houden om humanistische psychologie te begrijpen. Het is datgene dat Carl Rogers zo speciaal maakte en hem tot de meest invloedrijke psychologen liet behoren. Hij koos altijd om zich op de persoon te richten, niet het probleem.

Hij was degene die oprecht naar zijn cliënten keek. Hij oordeelde nooit, dwong ze nooit tot iets en confronteerde ze ook niet. Het doel van zijn therapie was om te luisteren, om het gemakkelijker te maken voor deze mensen om hun emoties te herkennen. Rogers hielp ze om hun eigen persoonlijkheid te ontwikkelen. Omdat hij hier geen heldere methode voor had, zul je zijn strategieën ook niet in richtlijnen vinden. Toch is zijn manier van aandacht geven aan de persoon nog steeds alomtegenwoordig binnen de psychologie. Het is dan ook één van de beste tactieken om met trauma of hechtingsproblemen om te gaan.

Literatuurlijst

Rogers, C. (1961). On Becoming a Person. Boston: Houghton Mifflin.

Rogers, C. (1977). A Personal Message from Carl Rogers. In Contributions to Client-Centered Therapy and the Person-Centered Approach. Herefordshire: PCCS Books.

Rogers, C. (1951). Client-centered therapy: Its current practice, implications and theory. London: Constable.

Rogers, C. (1959). A theory of therapy, personality and interpersonal relationships as developed in the client-centered framework. In (ed.) S. Koch, Psychology: A study of a science. Vol. 3: Formulations of the person and the social context. New York: McGraw Hill.