Als je me wilt helpen, stoor me dan niet

januari 16, 2018 in Psychologie 159 gedeeld
Vrouw wiens haar veranderd is in een bos omdat ze ruimte nodig heeft maar niemand wil haar die ruimte geven

Als je me echt wilt helpen, zeg dan niets. Je kunt me gewoon wat ruimte geven en me met rust laten. Zeg niet tegen me ‘ik zei het toch’, ‘je maakt altijd dezelfde fout’, ‘je hebt geen keuze’… Maak het niet nog erger dan het is.

Begrijp eens dat het soms het beste is om niet te helpen. Laat mij je empathie zien, je begrip, maar blijf vandaag nog aan de zijlijn staan.

Theodore Roosevelt zei dat er tussen het juiste doen en het verkeerde doen nog iets veel erger is: niets doen. Het is duidelijk een politieke mentaliteit, altijd bang voor immobiliteit. Bang voor de kiezer die geen kant kiest of bondgenoot die geen stap vooruit zet.

President Roosevelt had het echter mis. Niets doen is echt een geldige derde optie en soms is het de beste.

“Elke onnodige hulp belemmert de ontwikkeling.”
-Maria Montessori

Het grootste probleem aan dit alles is nu dat we er over het algemeen van uitgaan dat een gebrek aan actie of passiviteit een teken is dat anderen niet om ons geven. Dus, hoe kunnen we dan begrijpen dat het soms beter is om te kiezen voor immobiliteit, om niet te helpen en in plaats daarvan een stap terug te doen?

Veel psychologen zeggen dat onze geest ons tijdens de meest complexe momenten  aanspoort om de eenvoudigste antwoorden te geven. We richten ons op mentale snelkoppelingen, heuristiek en dit kan zeer succesvol zijn.

Dus, als we zien dat een vriend van ons ontslagen wordt of een broer of zus zich depressief voelt, horen we een innerlijke stem die zegt: ‘Laat hem alleen, geef hem de ruimte om na te denken en de situatie te accepteren.’

Soms heeft het een negatief effect op het leerproces als we anderen die tijd waarin ze alleen kunnen zijn met hun worstelingen, afnemen.

Tijger die wordt gedragen door vogels

Sommige mensen hoeven gewoonweg niet gered te worden

Er bestaat een Oosters volksverhaal dat vertelt over een man die in het park de cocon van een zijderups vond.

Bezorgd over het kleine schepsel en bang dat iemand er op zou stappen of een dier het zou weghalen, besloot hij ervoor te zorgen. Hij legde het in een doos om er geduldig en aandachtig voor te zorgen.

Toen hij het mee naar huis had genomen, trok iets zijn aandacht. Er zat al een gat in de cocon. De vlinder had moeite om eruit te komen.

Geïnteresseerd in zijn idee om te helpen, pakte hij een schaar en knipte een stukje van de cocon om het proces te versnellen. Zijn intentie was goed, daar is geen twijfel over mogelijk, maar goede bedoelingen leveren niet altijd goede resultaten op.

Want wat de man niet wist is dat de natuur zijn eigen ritme, zijn eigen tijd en ongrijpbare waarheden heeft. Er zijn processen waarbij alle hulp gewoon schadelijk is.

De vlinder kwam tevoorschijn en onze hoofdpersoon wachtte erop dat hij zou gaan vliegen. Het insect was echter te vroeg uit de cocon. De man kon alleen maar zien hoe het insect in cirkels kroop tot het niet meer bewoog. Dood.

Je moet mensen net als een vlinder ruimte geven om te vliegen

Sommige mensen hoeven niet gered te worden, omdat ze niet in gevaar zijn. Hun lijden is iets wat ze moeten ervaren om tot bloei te komen. Daar, in de privacy van de cocon, in de zachtheid van het eigen verdriet, in de kleverige hoeken van twijfel en teleurstelling.

Er zijn reizen die mensen zonder hulp en in eenzaamheid moeten maken, zonder gered te worden door mensen met goede bedoelingen.

Wanneer moeten we ruimte geven en wanneer moeten we helpen?

Maria Montessori zei dat onnodige hulp de ontwikkeling belemmert. Dit idee hangt samen met het concept van ‘Zone of Proximal Development’ van Lev Vygotski.

Het is een concept dat veel verder gaat dan de context van het onderwijs, en van toepassing is op veel van onze alledaagse omgevingen en relaties.

De ‘Zone of Proximal Development’ vertelt ons dat we, om iemands capaciteiten te verbeteren, hem de nodige hulp moeten geven om zijn eigen potentieel te ontwikkelen.

Dit houdt bijvoorbeeld in dat we geen verantwoordelijkheden op ons nemen die niet van ons zijn. Het betekent dat we identificeren wanneer onze hulp een stimulans is voor het leerproces en in welke mate.

“Help je volgers de lading te verlichten, maar voel jezelf niet verplicht deze over te nemen.”

-Pythagoras

We zijn ons er zeker van bewust dat het niet altijd makkelijk is om te weten waar de grenzen liggen. Waar ‘niets doen’ toelaatbaar en aan te bevelen is. Het is moeilijk wanneer er gevoel van verantwoordelijkheid ontstaat, zelfs als de persoon die met problemen worstelt niet erg dicht bij ons staat.

Hoewel de hersenen vanuit fysiologisch oogpunt geen oordeel vellen, doet het geweten dat echter wel.

Meisje dat een dak boven haar hoofd hoofd om zichzelf ruimte te geven

Eén ding waar we dus duidelijk over moeten zijn, is dat het niet altijd goed is om constant en onbeperkt hulp te bieden. Het resultaat kan rampzalig zijn: de mensen die we helpen kunnen passief en egoïstisch, en ook sterk afhankelijk van ons worden.

De sleutel is om op te merken wanneer er sprake is van een reële kwetsbaarheid. Wees ook heel duidelijk over wat de persoon echt nodig heeft.

Soms is de beste hulp die je kunt geven een luisterend oor bieden of er gewoon ‘zijn’ zonder iets te zeggen. Om de andere persoon het bewijs te geven dat wij er voor hem zijn als hij dat wil, dat wij die schouder kunnen zijn om op te huilen als hij dat nodig heeft, die persoon die weet hoe hij ruimte en eenzaamheid kan respecteren als dat nodig is.

We kunnen in wezen die lichtstraal zijn die op een bepaald moment beperkt en vluchtig iemands pad verlicht. Sta toe dat anderen hun vleugels spreiden en niet langer in cirkels bewegen.

Maar we kunnen ook niets doen, soms is dat een optie die even nuttig is. 

Bekijk Ook