Wat bedoelt men met atypische depressie?

20 december, 2019
Het is moeilijk om de diagnose atypische depressie te stellen. Veel mensen die aan een atypische depressie lijden, weten namelijk niet dat ze het hebben. Dat komt omdat ze zich soms positief voelen. Het duurt echter niet lang vóór de donkere wolken komen. Dan keren ook de angstgevoelens, de slechte gemoedstoestand en het gebrek aan motivatie terug.
 

Ondanks de naam komt atypische depressie eigenlijk heel vaak voor. Het lijkt op een klinische depressie. De patiënten die aan deze specifieke stoornis lijden, hebben echter ongewone symptomen. Ze kunnen bijvoorbeeld op een positieve manier op hun omgeving reageren. Of ze hebben een goede eetlust maar voelen een zwaarte in hun armen en benen.

In de jaren ’50 gebruikten psychologen deze klinische term voor het eerst. Aanvankelijk pasten ze het onofficieel toe om patiënten met een depressie te beschrijven die niet reageerden op de gewone antidepressiva.

Verdere analyse en onderzoek waren nodig om de gemeenschappelijke factoren bij deze patiënten vast te stellen. De psychologen wilden namelijk begrijpen waarmee ze precies te maken hadden.

De term “atypische depressie”

Het eerste wat ze merkten, was dat deze patiënten pijn in hun armen en benen te kennen gaven. Ze gaven ook aan dat het moeilijk was om te bewegen. De reden was dat hun ledematen zwaar aanvoelden.

Psychologen stelden ook vast dat ze atypische tekenen en symptomen van een klinische depressie vertoonden. Er was onder andere sprake van hypersomnia of hyperfagie (in overdreven mate eten).

Wat ze ook merkten, was dat de symptomen van hun patiënten in de loop van de dag erger werden. ‘s Morgens konden ze op complimentjes reageren en genieten van het gezelschap van andere mensen. Ze reageerden op dat moment ook positief op bepaalde prikkels.

In de middag veranderden de dingen. Nadat ze gegevens verzameld hadden en deze gemeenschappelijke symptomen vastgesteld hadden, gaven de onderzoekers deze specifieke aandoening de naam “atypische depressie.”

 

Vanaf dat moment werd het heel wat makkelijker om nieuwe medicijnen specifiek voor deze stoornis te ontwikkelen. Vele beroepskrachten in de geestelijke  gezondheidszorg geloven ook dat atypische depressie bijna 20% uitmaakt van alle gevallen van depressie.

Als gevolg daarvan is het dus belangrijk om voor een psychologische en farmacologische aanpak te zorgen die aangepast is aan die stoornis. Laten we hier wat dieper op ingaan.

De symptomen en kenmerken van atypische depressie

De kenmerken en symptomen van atypische depressie

Jonathan R.T. Davidson heeft aan de universiteit van Californië een onderzoek uitgevoerd. Het toont aan dat de meestvoorkomende symptomen van atypische depressie biologisch of vegetatief zijn. Andere studies kwamen tot soortgelijke bevindingen.

Patiënten met atypische depressie klagen meer over lichamelijke kwalen dan over iets anders. Ze zijn vaak uitgeput en hebben het gevoel dat hun lichaam hen in de steek laat.

Dit is één van de redenen waarom het zo moeilijk is om deze aandoening te diagnosticeren. Je denkt misschien dat je overwerkt of oververmoeid bent. Misschien vind je dat je niet onvoldoende goed eet of te weinig beweegt.

 

Toch omschrijft de DSM-5 deze vorm van depressie als hardnekkig. Dat betekent dat je geestelijke gezondheid eronder zal lijden als je geen hulp krijgt. Wat zijn dan de meestvoorkomende kenmerken van deze psychologische aandoening? Laten we even kijken.

Je gemoedstoestand reageert op positieve prikkels

Eén kenmerk van klinische depressie (of dysthymie) is het onvermogen om op positieve situaties of prikkels te reageren. Een individu met klinische depressie heeft ernstige problemen om enige vorm van vreugde of geluk te ervaren.

Mensen atypische depressie ervaren echter wel momenten van positiviteit wanneer ze iemand zien van wie ze houden of als ze lof krijgen toegezwaaid of aanmoedigingen horen.

Angstgevoelens, zenuwachtigheid, rusteloosheid en wantrouwen

Atypische depressie heeft ook een hoge comorbiditeit (het tegelijkertijd voorkomen van twee of meer aandoeningen of stoornissen bij één persoon). Dat is onder andere het geval bij angstgevoelens of zelfs bij een bipolaire stoornis.

Het resultaat is dat de meestvoorkomende symptomen nervositeit, overgevoeligheid en een aanhoudend gevoel alsof er iets zal misgaan, enzovoort, zijn.

Patiënten met deze vorm van depressie hebben het ook moeilijk om gelukkige en stabiele relaties te onderhouden. Ze vinden het lastig om andere personen te vertrouwen. Bovendien zijn ze heel gevoelig voor kritiek en bang voor verraad of om verlaten te worden.

Hypersomnia

Een ander teken van atypische depressie is te veel slapen. Je slaapt dan in overdreven mate en neemt te lange dutjes. ‘s Morgens sta je laat op en op het werk heb je het lastig om de dingen gedaan te krijgen. Het maakt ook niet uit hoeveel je slaapt. Je voelt je onafgebroken moe. Rusten geeft je geen nieuwe energie of het gevoel sterker te zijn.

 
De behandeling van atypische depressie

Een grote eetlust

Angstgevoelens en nervositeit leiden vaak tot een bijna onophoudelijke hyperfagie. Dat is wanneer je altijd honger hebt. Je gaat dan op een dwangmatige manier eten.

Welke behandelingen zijn beschikbaar voor atypische depressie?

Volgens Cristancho, O’Reardon en Thase (2012) is een atypische depressie vaak chronisch. Het komt ook meer voor bij vrouwen en bij jonge mensen. Tegelijkertijd is het de meestvoorkomende vorm van depressie die gezondheidswerkers buiten het ziekenhuis vaststellen.

Als je deze stoornis hebt en geen behandeling krijgt, dan kunnen de gevolgen heel ernstig zijn. Dat is vooral waar als er sprake is van comorbiditeit met andere stoornissen zoals angstgevoelens of een bipolaire stoornis.

De beste aanpak in de behandeling hangt echt van de situatie van elke patiënt af. Vele vrouwen met atypische depressie hebben bijvoorbeeld ook hulp nodig bij eetstoornissen zoals boulimie. Met een goede psychologische therapie en de geschikte medicatie kunnen patiënten echter een aanzienlijke verbetering merken:

  • De cognitieve gedragstherapie laat patiënten aan hun denkpatronen en gedrag werken. Het doel is om hun dagelijkse sociale vaardigheid te verbeteren.
 

Ten slotte is het belangrijk om nog één detail te bespreken omtrent atypische depressie. Deze stoornis komt veel vaker voor dan je denkt. Mensen krijgen het vaak als ze in de twintig zijn.

Een vroege vaststelling geeft zorgverleners in de gezondheidszorg de mogelijkheid om patiënten een betere controle over hun leven te geven. Ze verschaffen hen namelijk de instrumenten en strategieën om gelukkige individuen vol vertrouwen te zijn.

 
  • Davidson, J. R. T., Miller, R. D., Turnbull, C. D., & Sullivan, J. L. (1982). Atypical Depression. Archives of General Psychiatry39(5), 527–534. https://doi.org/10.1001/archpsyc.1982.04290050015005