Laat je verleden los, en omhels het heden

· juli 28, 2017

Je moet zo af en toe, de ramen van je geest en geheugen wagenwijd tegen elkaar openzetten, en je (boven)kamer flink laten doorluchten. Haal die vergeelde bladwijzers eens uit dat dozijn verstofte en half gelezen boeken onder je bed. Verwijder de verfletste foto’s van je knip-en-plak collage aan de muur – de foto’s die geen speciale betekenis of gevoelswaarde meer vertegenwoordigen. Ruim de oude rommel op die je vloer, en je planken, verfomfaaien. Neem actief afscheid van alles uit je (verre) verleden wat je in het hier en nu – in jouw huidige ervaring – niet langer hér- en érkent als ware actueel.

Maak van je verhuizingen toch niet telkens zo’n zware bevalling. Probeer je spullen in kleinere, praktischer dozen in te pakken. Daarmee bereik je namelijk hetzelfde doel, zonder je een ons te tillen, het zicht voor je eigen ogen weg te nemen, en per ongeluk in de deuropening vast te blijven zitten. En durf – al doende – dóór te selecteren, zodat je hele handel op de nieuwe plek mínder plaats zal innemen. Want wie waant zich graag ingesloten door materiële rompslomp van vloer tot plafond? Stop met het nodeloze verzamelen, en (be)houd alleen die spullen die hun gewicht – en afmetingen – dubbel en dwars waard zijn. Anders bied je noviteiten namelijk geen enkele gelegenheid om zichzelf uit te nodigen, en vervolgens te vestigen, in je meest recente stulpje, en interieur.

Stel je eens een uitgestrekt strand voor dat vól ligt met rotzooi. Een stevige storm steekt op, en brengt – golf na golf – schatten der zeven zeeën met zich mee. Maar, er is nog geen vierkante centimeter onbezoedeld zand beschikbaar om deze exotische kostbaarheden voorbij de bruisende branding te droppen – en dus slikt de oceaan ze noodgedwongen weer óp, en ín. Zelfs zacht glinsterend parelmoer gaat verloren in deze zilt-zwarte vuilnisstrook aan de kust. Denk je ook niet dat het hoog tijd is voor een rigoureuze schoonmaak-actie aan de duinen van je eigen eb?

Het verleden heeft herinneringen, de toekomst heeft hoop

Wie gezegend is met een geheugen vol goede herinneringen, zal zich vergenoegd, en gelukkig voelen. Koester zulke gerieflijke recollecties, maar herkauw ze pas als je kracht ogenblikkelijk afzwakt. Níet eerder. Kijk terug op wat je ooit was, en weer wenst te zijn, ter inspiratie, en motivatie, om jezelf – in dit potentieel machtige moment – als vanouds vleugels te geven. En zelfs als je herinneringen matig zijn, als je niet durft af te dalen in de spelonken van je eigen geheugen, dan is het lot je gunstig gezind. Het beste, ván en vóór jou, en ín je bestaan, moet immers nog komen. Dát is een schaduw-overstijgende licht-donker perspectief-wisseling van epische proporties, is het niet!?

Verleden

We zullen je zo direct een sprookje presenteren dat dit idee ingenieus illustreert: dat werkelijke wijsheid schuilt in het vermogen om je slechte ervaringen te transformeren tot nuttige les en lering in het héden. Onthoud dat hoewel extreem pijnlijke situaties je (veer)kracht tot het uiterste testen, ze ook functioneren als katalysator om je überhaupt bewust te worden van je latente capaciteiten.

Op een dag zat zoonlief te klagen tegenover zijn moeder, hoe zwaar alles, en vooral zíjn leven wel niet was. Het leek alsof, zodra hij één probleem had opgelost, het volgende al verscheen. Zijn moeder nam hem daarop mee naar de keuken, alwaar ze drie pannen met water vulde, en die stuk voor stuk op het vuur zette

De jongen wachtte ongeduldig, en vroeg zich af waar zijn moeder in Godsnaam mee bezig was. Twintig minuten later doofde zij de vlam, nam een handvol wortelen uit de pot, en legde die op een leeg bord. Ze pakte een paar eieren uit het kokendhete water, en liet die in een kom glijden. Ten slotte liep ze naar de stomende koffiepot, en schonk een vers kopje in.

Na een korte pauze, richtte ze haar blik op haar zoon, en vroeg hem: Wat zie je hier? Wortelen, eieren, en koffie, antwoordde hij half verbaasd, half verlegen. Maar wat is hun betekenis? ‘Scheikunde’, lichtte ze toe. De drie elementen in dit experiment hebben precies dezelfde stressfactor te verwerken gekregen: H2O-hitte, van rond de 100 graden Celsius. Toch hebben ze elk op unieke wijze gereageerd, afhankelijk van hun karakteristieke aard. De wortel werd zacht en zoet, het ei(wit en -geel) stolde, en de koffie begon aromatisch te geuren.’

Sommige mensen die langdurig geleden hebben onder de meest verschrikkelijke ziektes, of de ergste trauma’s, zijn desondanks in staat om hun vroegere martelgang te vergeten, of innerlijk vlekkeloos te verteren, en destilleren, tot er louter pure wils- en veerkracht overbleef. Dit is een zeldzame alchemistische ‘reflex’, om – gelijk een feniks – als herboren uit je eigen as te herrijzen: sterker, leniger, fierder, vrijer en onbevreesder dan ooit tevoren. Met de gave om nieuwe problemen puntgaaf in perspectief te plaatsen, en hen te converteren van complicatie tot rooskleurige kans. Vanuit het besef dat ze deze horde al eens overwonnen hebben, en er dus op durven vertrouwen dat hen dat opnieuw zal lukken.

Het verleden hoort je nooit tot last te zijn – zie het als verheffende verantwoordelijkheid

Het is niet gezond – noch voor je rug, noch voor je geest – om een bodemloze rugzak vol verschaalde schuld en versleten struikelblokken eindeloos met je mee te torsen. Reflecteer kort maar krachtig op de kommer en kwel van weleer, laat wellicht een traan, maar blijf niet snotteren tot je vanbinnen helemaal verdort en verdroogt. Extraheer de essentie, de krenten in de pap, de klompjes goud in de modder. Voor zulke juweeltjes van inzichten mag je, voor de rest van je leven, alle ruimte maken, en ontginnen. Dát is het contrast, in vruchtbaarheid, tussen het slijk van je verleden dat steeds verder verzuurt, en de geconserveerde zaadjes der zaligheid die zich transformeren van bleek bolletje, tot bekorende boom. Zoals het gezegde luidt: in kalme wateren, wordt men geen groot zeiler.

“Decadente mannen en steden vergapen zich voorgoed aan hun eigen verleden, terwijl grootse mannen en sterke steden zich resoluut richten níet op waar ze vandaan komen, maar waar ze heen willen.”

-José Ingenieros-

Verleden

Je bent het verleden geen verklaring verschuldigd. Je hoeft uitsluitend de via regressieve reflectie verkregen levenslessen pro-actief te projecteren óp, en te incorporeren ín, je toekomst – die zich spontaan voor je voeten ontvouwt. Op het gebied van vriendschap, liefde, werk, familie en hobby’s. Psychologen zijn over het algemeen bovengemiddeld geïnteresseerd in de geschiedenis van hun patiënten niet omdat zulk gegraaf in het verleden an sich nou zo relevant is, of per se zou voorbestemmen wat er hier en nu gebeurt, maar meer om te ont-dekken en achter-halen of iemands huidige gedrag heimelijk een verdedigingsmechanisme vormt tegen verstarde en nog immer verstarrende pijn uit het verleden.

Op 21 oktober 1829 ontstak Thomas Edison de eerste gloeilamp in de historie, en die bleef 48 uur branden. Qua duur was dat een gigantische verbetering vergeleken met de destijds gangbare modellen. En het interessante is dat de gloeidraad die hij gebruikte niet van metaal gemaakt was, volgens de geldende norm, maar van gecarboniseerd bamboe.

Vanaf dat memorabele moment voorwaarts, bleef Edison intelligent experimenteren en innoveren, totdat hij op een ontwerp stuitte dat tot maar liefst 1500 branduren bood. Is dat geen machtig mooie metafoor, om toe te passen óp, en te vertalen náár jouw eigen specifieke positie, in de eenentwintigste eeuw?

Misschien heb ook jij ontelbare keren ‘gefaald’ in je poging om jouw eigen geestelijke licht niet steeds te laten uitdoven, om jouw hart en ziel voortdurend fel te laten stralen, om je glorende horizon onvergankelijk te verhelderen. Zolang je de flikkerende kaarsvlam van je toekomst smoort met de doofpot van je verleden, zal zelfs de zuivere zuurstof van je beste intenties de intredende duisternis niet kunnen verdrijven.

Het is tijd om de gebroken, gebarsten en versplinterde krukken van je verleden, de ineffectieve formules, te verbranden in de oven van vernieuwing. Open het ijzeren gordijn van je (huis en) haard, en zet je oude aantekeningen, het oude papier, in de fik. Terwijl de warme lucht rijst, en vervlogen dagboeken witheet wegblakeren, word je je bewust van de geleegde, en ontvankelijke ruimte vóór je, en óm je heen. Ruimte voor verandering, en voor verschoning. Hoewel de meest briljante luminositeit úit het donker tevoorschijn komt, bestaan zij nimmer tegelijkertijd. Het licht verblindt de duisternis.