Het experiment van Milgram: blinde gehoorzaamheid

· oktober 3, 2018

Waarom gehoorzaamt iemand? Tot welke mate kan iemand een bevel opvolgen dat tegen hun normen en waarden in gaat? Het wereldberoemde experiment van Stanley Milgram uit 1963 verleent ons wat inzicht in deze zaak. Dat was dan ook het doel van zijn experiment.

Dit experiment is één van de beroemdste experimenten in de geschiedenis van de psychologie. Het revolutioneerde wat we dachten te weten over mensen en hun gehoorzaamheid. Bovenal geeft het ons een krachtige uitleg over hoe goede mensen soms bijzonder wreed kunnen zijn. Ben jij klaar om over het experiment van Milgram te leren?

Het experiment van Milgram over blinde gehoorzaamheid

Voordat we het concept van gehoorzaamheid gaan analyseren, zullen we het hebben over hoe het experiment tot stand is gekomen. Milgram zette om te beginnen een advertentie in een krant. Hierin liet hij weten op zoek te zijn naar mensen die tegen een geldelijke vergoeding mee wilden doen aan een psychologisch onderzoek. Toen de participanten aankwamen bij het laboratorium van de Yale-universiteit, vertelde een onderzoeker hun wat ze te wachten stond. Zij legden uit dat het om een studie omtrent leervermogen en leergedrag ging.

Bovendien werd hun rol in deze studie als volgt omschreven: zij zouden een andere deelnemer vragen stellen over een woordenlijst om hun geheugen te evalueren. Echter…

Dit was een leugen, volgens de single blind (“enkel blind”) opzet. Hierbij worden de participanten de waarheid onthouden om ervoor te zorgen dat ze niet met een vertekend beeld aan het experiment beginnen. De onderzoekers zijn wel op de hoogte van de opzet van het experiment.

De ware aard van het experiment werd dus verscholen. De participant dacht dus dat hij vragen aan een andere deelnemer zou stellen. Deze andere deelnemer was echter in feite medeplichtig aan de opgezette leugen. Het doel van de “blinde” participant was om de medeplichtige te vragen naar een woordenlijst die hij zou hebben ingestudeerd. Als de medeplichtige goed antwoordde, zou naar een volgend woord op de lijst gevraagd worden. Als de medeplichtige fout antwoordde, moest de participant de medeplichtige deelnemer een elektrische schok toedienen. (Deze schok werd nooit daadwerkelijk gegeven, maar dat had de participant zelf niet door.)

Begin van het experiment

De onderzoeker vertelde de participant dat de schokmachine 30 oplopende niveau’s van intensiteit had. Bij elke fout die de medeplichtige deelnemer zou maken, moest de participant de intensiteit van de schok verhogen. Voordat het experiment daadwerkelijk begon, werd de medeplichtige een paar kleine “schokjes” gegeven. Hierbij moest hij laten weten hoe pijnlijk deze voor hem waren.

Het experiment van Milgram

Aan het begin van het experiment beantwoorde de medeplichtige alle vragen correct. Naarmate het experiment vordert, beginnen ze vragen fout te beantwoorden. Zodoende moet de participant elke keer een (steeds sterkere) schok toedienen. De participant kon de medeplichtige niet zien vanwege een muur tussen hun, maar ze konden elkaar wel horen. Het verliep als volgt: toen niveau 10 op de schaal van intensiteit van de schokken werd bereikt, begon de medeplichtige te klagen. Hij wilde stoppen met het experiment. Toen niveau 15 werd bereikt, weigerde hij verdere vragen te beantwoorden en zette hij zijn hielen in het zand. Bij niveau 20 “viel hij flauw” en kon hij geen vragen meer beantwoorden.

Tijdens het experiment drong de onderzoeker er steeds op aan dat de participant de test voortzette. Dat deed hij zelfs toen de medeplichtige flauwviel. De onderzoeker benadrukte dat het niet beantwoorden van de vraag ook een fout antwoord was. Om de druk nog verder op te voeren liet de onderzoeker ook weten dat hij moest afmaken waar hij aan begonnen was. Dit omdat de onderzoeker alle verantwoordelijkheid op zich nam, wat een illusie van onschendbaarheid zou moeten creëren.

Nu de vraag aan jullie: hoe ver zou jij zijn gegaan? Zou jij tot het einde zijn gegaan (dat mogelijk tot een zogenaamde dood zou kunnen leiden)? Hoeveel participanten hebben volgens jou het niveau bereikt waar de medeplichtige “flauwvalt?” Laten we eens kijken naar de resultaten van deze “gehoorzame criminelen.”

Resultaten van het experiment van Milgram

Voordat het experiment werd uitgevoerd, vroeg Milgram een paar van zijn collega’s binnen de psychiatrie naar hun voorspellingen. De meesten van hun dachten dat de participanten het experiment zouden verlaten nadat de medeplichtige flauwviel. Zij geloofden dat slechts 4% van de participanten dat niveau überhaupt zouden bereiken. Bovendien geloofden ze dat slechts één op duizend niveau 30 (het hoogste niveau) zouden bereiken. Daarbij zeiden ze dat dit een een psychiatrisch probleem zou beduiden (Milgram, 1974).

Zij bleken het totaal bij het foute einde te hebben gehad. Van de 40 participanten in de eerste testronde, haalden 25 het einde. 90% van de participanten behaalden zo ook op zijn minst niveau 20, waarbij de medeplichtigen flauwvielen (Milgram, 1974). De participanten gehoorzaamden de onderzoeker feilloos. Zelfs degenen die een zeer grote hoeveelheid stress ervoeren bij het pijnigen van een ander deden dit toch.

Een participant van het experiment

Naderhand werd tegen Milgram gezegd dat de steekgroep wellicht partijdig was. Toch werd deze studie meermaals gerepliceerd met verschillende steekgroepen en volgens verschillende onderzoeksopzetten. Die zijn terug te vinden in de uitgave van het boek van Milgram uit 2016 (zie bibliografie). Zo kwam een onderzoeker uit München er achter de 85% van zijn participanten het maximale schokniveau wist te bereiken (Milgram, 2005).

Shanab (1978) en Smith (1998) demonstreerden dat de resultaten te generaliseren zijn naar elk ander Westers land. Toch moeten we voorzichtig zijn wanneer we denken dat we een universeel, sociaal gedrag ontdekt hebben. Transcultureel onderzoek laat namelijk niet zulke bindende resultaten zien.

Conclusies gebaseerd op het experiment van Milgram

Waarom gehoorzaamden mensen zo lang? Dat is de eerste vraag die wij stelden na de resultaten bekeken te hebben. Je kunt verschillende transcripten van gesprekken tussen de participanten en de onderzoekers teruglezen in het boek. Hierin kunnen we zien dat de meeste participanten zich slecht voelden over hun gedrag. Wreedheid is voor hun dus geen motiverende factor geweest. Wat dan wel? Het antwoord op die vraag ligt wellicht in de autoriteit van de onderzoeker. Denk even terug aan de illusie van onschendbaarheid waar we het eerder over hadden. Hierdoor droegen de participanten hun verantwoordelijkheid over aan de onderzoeker.

Beïnvloedende factoren

Door middel van verschillende variaties op het experiment van Milgram zij we nog meer te weten gekomen. Onderzoekers herkenden een aantal factoren die van invloed waren op gehoorzaamheid:

  • De rol van de onderzoeker. De aanwezigheid van een onderzoeker in een laboratoriumjas zal ervoor zorgen dat de participant hem als autoriteitsfiguur zag. Een participant herkent professionalisme en zal daarom gehoorzamer zijn.
  • Waargenomen verantwoordelijkheid. Dit betreft de verantwoordelijkheid die iemand denkt te moeten nemen voor zijn acties. Dit wordt ondermijnd wanneer een onderzoeker de participant vertelt dat de onderzoeker verantwoordelijk is voor het experiment. De participant ervaart zo minder druk. Zodoende zal hij ook beter gehoorzamen.
  • Het bewust zijn van een hiërarchie. De participanten die erg bezig waren met de hiërarchie, zagen zichzelf als beter dan de medeplichtige deelnemer. Ook zagen ze zichzelf als minderwaardig tegenover de onderzoeker. Daarom hechtten ze meer waarde aan de bevelen van hun “meerdere” dan het welzijn van de medeplichtige deelnemer.
  • Een gevoel van toewijding. De participanten hadden zich toegewijd aan het experiment. Daardoor konden ze zich er uiteindelijk moeilijk(er) tegen verzetten.
  • De breuk van empathie. Toen de situatie eenmaal in de tegenwerking van de medeplichtige resulteerde, werd het voor velen makkelijker minder empathie voor hem te tonen. Ook dat maakte gehoorzaamheid aan de onderzoeker beter haalbaar.

Nuance

Deze factoren op zich resulteren niet in blinde gehoorzaamheid. De totale som hiervan genereert echter wel een situatie waarin gehoorzaamheid sneller zal volgen dan gemiddeld. De consequenties hiervan doen er verder niet toe. Het experiment van Milgram demonstreert de kracht van de situatie waar Zimbardo (2012) het over heeft. Als we ons niet bewust zijn van de kracht van context, kan dit ertoe leiden dat we onze eigen principes overschrijden.

Mensen gehoorzamen blind omdat de druk van de bovengenoemde factoren zwaarder weegt dan hun geweten. Dit verklaart ook het een en ander binnen de geschiedenis. Om maar een extreem voorbeeld te geven: denk maar eens aan de immense steun van fascisten aan dictators. Het verklaart ook concretere gebeurtenissen, zoals vele artsen die in concentratiekampen werkten tijdens de Tweede Wereldoorlog.

De gehoorzaamheid van Nazi's

Gevoel van gehoorzaamheid

Wanneer we gedragingen observeren die niet met onze verwachtingen stroken, maakt dat ze tevens interessant. We willen ze dan vaak doorgronden. Psychologie doelt hierop en heeft ons een hele interessante uitleg voor gehoorzaamheid gegeven. Eén van de grootste bevindingen betreft keuzes die gemaakt zijn door competente autoriteitsfiguren. Als dit figuur één groep bevoordeelt, heeft zo’n gemaakte keuze meer consequenties dan een keuze die door de gehele gemeenschap is gemaakt.

Stel je eens een maatschappij voor onder het bewind van een autoriteit die niet in twijfel getrokken wordt. Vergelijk deze maatschappij vervolgens met eentje waar de autoriteit wel constant aan de tand gevoeld wordt. Omdat de eerste geen controlemechanismes heeft, zal men in het eerste scenario sneller bevelen opvolgen dan in de tweede. Dit is een belangrijk gegeven omdat dit de overwinning of het verlies in een conflictsituatie kan bepalen. De sociale identiteitstheorie van Tajfel (1974) gaat hier verder op in.

Preventie van blinde gehoorzaamheid

Wat kunnen we doen wanneer we geconfronteerd worden met blinde gehoorzaamheid? Autoriteit en hiërarchie kunnen adaptief zijn in bepaalde context. Dat wettigt echter niet blinde gehoorzaamheid aan immorele autoriteitsfiguren. Hier stuiten we dus op een probleem. Als we een maatschappij opzetten waarin alle vormen van autoriteit in twijfel getrokken worden, zullen we een gezonde en eerlijke gemeenschap hebben. Deze zal op den duur echter in elkaar storten voor de ogen van andere maatschappijen. Waarom? Omdat het bij dit soort samenlevingen te lang duurt om keuzes te maken.

Als je wilt vermijden dat je zelf in een spiraal van blinde gehoorzaamheid belandt, is het belangrijk iets te onthouden: we kunnen allemaal slachtoffer worden van de druk in een bepaalde situatie. Daarom is erkenning van hoe context ons kan beïnvloeden de best mogelijke verdediging. Op die manier kunnen we controle proberen terug te winnen wanneer de omstandigheden ons dreigen te overweldigen. Dat maakt het delegeren van onze verantwoordelijkheid aan andere onnodig — al neemt het de verleiding niet weg!

Participant die overstuur is

Onderzoeken zoals het experiment van Milgram staan ons toe de menselijke aard te bestuderen. Ze laten ons zien dat dogma’s zoals het “goed en kwaad” te zwart-wit zijn om in onze realiteit te passen. Goedheid is een spectrum. Experimenten zoals deze zijn dus nodig om licht te werpen op de complexiteit van menselijk gedrag. Alleen zo kunnen we de redenen hiervoor doorgronden. Met kennis hiervan kunnen we onze geschiedenis leren begrijpen en een herhaling hiervan voorkomen.

Literatuurlijst

Milgram, S. (1963). Behavioral study of obedience. Journal of Abnormal and Social Psychology, 67, 371-378.

Milgram, S. (1974). Obedience to authority: An experimental view. New York: Harper and Row

Milgram, S. (2005). Los peligros de la obediciencia. POLIS, Revista Latinoamericana.

Milgram, S., Goitia, J. de, & Bruner, J. (2016). Obediencia a la autoridad : el experimento Milgram. Capitan Swing.

Shanab, M. E., & Yahya, K. A. (1978). A cross-cultural study of obedience. Bulletin of the Psychonomic Society.

Smith, P. B., & Bond, M. H. (1998). Social psychology across cultures (2e ed.). Prentice Hall.

Tajfel, H. (1974). Social identity and intergroup behaviour. Social Science Information, 13, 65-93.

Zimbardo, P. G. (2012). Het Lucifer effect: hoe gewone mensen zich laten verleiden tot het kwaad.