Het soldatensyndroom: posttraumatische stressstoornis

28 september, 2020
Een bepaald, aanvaardbaar niveau van stress is normaal, zelfs noodzakelijk, voor de individuele ontwikkeling. Als deze stress echter zo'n hoog niveau bereikt dat je er niet overheen kunt komen, krijg je een posttraumatische stressstoornis (PTSS), ook wel bekend als het soldatensyndroom.

In 1980 werd de term posttraumatische stressstoornis (PTSS) geïntroduceerd. Dat is de eerste keer dat het werd opgenomen in de diagnostische classificatiegids van de American Psychiatric Association (DSM-III). Tot dat moment waren de definities en categorieën van het zogenaamde “soldatensyndroom” niet uniform.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog noemden artsen de stressgerelateerde ziekte die soldaten ondervonden “shellshock.” In de Tweede Wereldoorlog, noemden ze het “traumatische oorlogsneurose.”

Tijdens de Vietnamoorlog ging de term van “shellshock” naar naar “post-Vietnam-syndroom.” Na de Vietnamoorlog dwong sociale druk de deskundigen om het concept te herdefiniëren. Toen ontstond de term PTSS, oftwel posttraumatische stressstoornis.

Deskundigen begonnen het te erkennen als een primaire diagnostische verschijning in de groep van angststoornissen. In dit artikel praten we over PTSS als soldatensyndroom om het in een militair kader te plaatsen.

Een vrouw met haar handen voor haar gezicht

Definitie en oorsprong van soldatensyndroom of PTSS

Iedereen ervaart stressvolle of traumatische situaties in de loop van zijn leven. Wanneer de stressvolle omstandigheden van een bepaalde aard en intensiteit zijn, kunnen ze een plotselinge en totale onevenwichtigheid in de mentale structuur veroorzaken.

Tegelijkertijd blokkeren ze de aanpassings- en defensieve vaardigheden van het individu. Met andere woorden, de situatie overweldigt hen in elk aspect en ze kunnen niet adaptief reageren. Als gevolg daarvan ontstaat de traumatische stress.

De oorzaken van soldatensyndroom of PTSS zijn die ervaringen of omgevingsomstandigheden die leiden tot mentale trauma’s. PTSS ontwikkelt zich als gevolg van blootstelling aan traumatische stressoren die de mentale en fysieke integriteit van het individu ernstig bedreigen.

Ook is de subjectieve perceptie van angst van het individu en zijn persoonlijke onvermogen om met deze situatie om te gaan relevant. Verschillende factoren bepalen of iemand al dan niet PTSS ontwikkelt, namelijk de volgende:

  • de intensiteit en ernst van het trauma
  • de mate van gevaar die het leven van de betrokkene bedreigt, hun fysieke en psychologische gezondheid en hun identiteit
  • het niveau van blootstelling, implicatie en nabijheid van de traumatische gebeurtenis
  • de herhaling van traumatische situaties, waardoor hun weerstand en aanpassingsvermogen verzwakt tot er PTSS ontstaat
  • het soort trauma waar iemand aan blootgesteld wordt

Symptomen

Depressie, schuld, en angst zijn enkele van de meestvoorkomende symptomen van PTSS. De meest kenmerkende symptomen van soldatensyndroom kunnen in vier categorieën worden onderverdeeld, namelijk:

Indringende herinneringen: flashbacks en nachtmerries

Het is heel gebruikelijk om een traumatische gebeurtenis steeds opnieuw te herbeleven. De emotionele en fysieke sensaties kunnen net zo echt zijn als de eerste keer. Elke dagelijkse gebeurtenis kan flashbacks veroorzaken, vooral als ze verband houden met de traumatische gebeurtenis.

Vermijdend gedrag

Het voortdurend herleven van de traumatische gebeurtenis is erg afleidend. Mensen met PTSS hebben de neiging om mensen en plaatsen te vermijden die hen herinneren aan wat er gebeurd is en vermijden om erover te praten. Een manier om met pijn om te gaan is simpelweg je gevoelens te ontkennen en alles te blokkeren om lijden te voorkomen.

Hyperwaakzaamheid

Mensen met PTSS/soldatensyndroom zijn hyper-bewust. Ze zijn ook altijd in de verdediging. Ze voelen dat ze constant in gevaar zijn. Dit staat bekend als hyperwaakzaamheid.

Cognitieve- en gedragsveranderingen en stemmingswisselingen

Mensen met PTSS worden vaak erg negatief over alles om hen heen en zichzelf. Ze voelen zich schuldig en zijn niet in staat tot positieve emoties of gevoelens. Ze kunnen agressief of gewelddadig worden. Ook zijn ze snel geïrriteerd, onvoorzichtig en roekeloos.

PTSS in het leger

Bepaalde kenmerken van militairen hebben betrekking op en interfereren met soldatensyndroom of posttraumatische stressstoornis. Deze elementen versterken ook de symptomen van het individu en kunnen klinische interventie moeilijk maken, zoals:

  • Militaire training. Dit soort training dwingt hen om hyperalert te zijn, wat erg gevaarlijk kan zijn als een PTSS-patiënt gewelddadig wordt.
  • Problemen met gezag. Dit kan het voor hen ook moeilijk maken om veranderingen in de autoriteiten te accepteren of om iemand te accepteren die niet heeft wat de soldaat als “gepast” ervaart.
  • Thuiskomst. Wanneer mensen in het leger eindelijk naar huis gaan, voelen ze vaak een gevoel van verlatenheid, schuld en wanhoop. Ze hebben vaak het gevoel dat ze niet meer in hun oude leven passen. Misschien voelen ze zich schuldig omdat ze de oorlog hebben overleefd terwijl sommige vrienden dat wellicht niet deden.
  • Heftige herinneringen aan een gevecht. De herinneringen aan afschuwelijke situaties die ze ervaren kunnen hen achtervolgen.
Een soldaat praat met een therapeut

Klinische interventie

Behandeling van PTSS in de militaire context is het meest effectief wanneer het onmiddellijk na de traumatische gebeurtenis begint. Dit helpt de angst en complicaties die kunnen ontstaan te verminderen. Een gemeenschappelijke techniek is bijvoorbeeld “debriefing,” wat helpt te integreren en zich bewust te zijn van de traumatische gebeurtenissen gedeeld door een groep.

Een ander belangrijk hulpmiddel is psycho-educatie, dat helpt anticiperen op symptomen. Het trainen van psychotherapie is ook een zeer positief middel om soldaten voor te bereiden op wat ze zouden kunnen zien in de strijd.

Tot slot, het belangrijkste aan psychotherapie is dat het zich aanpast aan de omstandigheden van elke persoon. Het kan worden gedaan in een groep of individuele setting, hoewel het eerste zeer effectief is als de groep homogeen is.

  • Vallejo Samudio , Á., & Terranova Zapata , L. (2009). Estrés Postraumático y Psicoterapia de Grupo en Militares. Terapia psicológica, 27(1), 103-112.
  • Corzo , P. (2009). Trastorno por estrés postraumático en psiquiatría militar . Revista Med, 17(1), 81-86.
  • Kaspersen , M., & Matthiesen , S. (2003). Síntomas de Estrés Postraumático entre los soldados de Naciones Unidas y el personal perteneciente al voluntariado. J. Psychiat, 17(2), 69-77.
  • González de Rivera , J. (1994). El síndrome post-traumatico de estrás: una revisión crítica. Psiquiatría Legal y Forense .
  • Ortiz-Tallo, M. (2014). Psicopatología clínica. Adaptado al DSM-5.Madrid: Ediciones Pirámide.