Zeven mythes over polyamorie

· oktober 20, 2018

Er bestaan vele mythes over polyamorie. Helaas geloven vele mensen dat die verhalen waar zijn. Studies tonen echter aan dat 5% van de mensen in Noord-Amerika niet-monogame relaties heeft. Nu we dit weten, is het belangrijk dat we een kleine inspanning leveren om duidelijke antwoorden te vinden op bepaalde vragen.

Dit is een beroemde uitspraak van Oscar Wilde. “Van jezelf houden is het begin van een levenslange romance.” Is het dan mogelijk om liefde met meer dan één persoon te delen? En kan die gedeelde liefde een romantische liefde zijn, dus niet als de liefde die men voor een broer of zus of voor een ouder voelt? Of is polyamorie zelf eigenlijk de grootste mythes van alle over de liefde? Laten we dit eens bekijken.

“Ik heb alles meegemaakt en niets werkt beter dan dat iemand die van je houdt, je vasthoudt.”

-John Lennon-

Mythes over polyamorie

Net als we in het begin al gezegd hebben, bestaan er vele ideeën over polyamorie die in het collectieve bewuste en onbewuste regeren. De meeste van deze ideeën zijn mythes. In de voorbije jaren beginnen we eigenlijk meer argumenten tegen monogamie te horen. Dr. Eric Anderson bijvoorbeeld gelooft dat monogamie bij mensen niet natuurlijk is. Hij denkt dat monogamie niets anders is dan een culturele norm.

De mythe dat menselijke wezens van nature monogaam zijn

We willen enkele van deze mythes over polyamorie ontmantelen. Sommige mensen denken dat wie aan polyamorie doen, toch nog steeds een primaire partner heeft. Ze hebben een relatie maar zien nog steeds andere mensen.

De psycholoog Bjarne Holmes gelooft dat dit een mythe is. Volgens zijn onderzoek is dit slechts in 30% van de relaties tussen drie of meer mensen waar. De meeste groepen hebben eigenlijk meestal geen merkbare hiërarchie. Er is geen sprake van primaire of secundaire minnaars.

Menselijke wezens zijn van nature monogaam

Volgens Judit Eve Lipton en David P. Barash is dit nog één van de mythes over polyamorie. In verschillende boeken over dit onderwerp stellen ze dat de menselijk natuur niet monogaam is, in tegenstelling tot de populaire overtuiging.

Deze twee wetenschappers geloven dat menselijke wezens tegen de wetten van de natuur ingaan. Het lijkt dus dat we net als de meeste andere dieren gemaakt zijn om polygaam te zijn. Toch proberen we echter om deze exclusieve sociale relatie tussen één man en één vrouw in stand te houden. Het is desalniettemin niet onze ware evolutionaire neiging.

Alleen ontevreden mensen doen aan polyamorie

Ook dit is één van de mythes over polyamorie. Psychologen als Melissa Mitchell willen deze mythe graag ontmantelen. Vooral deze psychologe gelooft eigenlijk dat dit een vooroordeel is dat totaal ongegrond is. Dat is tenslotte het idee dat zij uit haar onderzoek afleidt.

De zoektocht naar een tweede of een derde partner heeft niets te maken met het gevoel van ontevredenheid over de eerste partner. Deze vormen van polyamoureuze relaties zijn meestal onafhankelijk van elkaar.

Mensen die polyamorie beoefenen, hebben psychologische problemen

We willen hier nog één van de mythes over polyamorie tot op de bodem onderzoeken. In dit geval kijken we naar de stellingen van Tristan Taormino. We zien dan dat polygame relaties niet meer of niet minder verstoord zijn dan monogame relaties. Taormino komt tot deze conclusie vanuit een reeks onderzoeken waarbij hij psychologische standaardtesten gebruikt heeft.

De onderzoeken tonen eigenlijk aan dat mensen die zich aangetrokken voelen tot open relaties, vaak creatiever en minder behoudsgezind zijn. Deze mensen voelen zich dus aangetrokken tot complexiteit, vernieuwing, ongewone ideeën en chaos. Ze vertonen echter geen enkel teken van psychologische problemen.

De mythe dat polyamorie slecht is voor de kinderen

Polyamorie is slecht voor kinderen

Dit is nog een andere mythe over polyamorie die gemakkelijk te ontkrachten is. Vele mensen denken dat deze relaties vooral schadelijk zijn voor kinderen. Ze geloven dat deze kleintjes zich niet op de juiste manier zullen ontwikkelen.

Om op deze vraag te antwoorden heeft professor Elizabeth Sheff interviews afgenomen van kinderen die in polygame families opgegroeid waren. De proefpersonen bevonden zich in de leeftijdsgroepen van 5 tot 17 jaar oud. Haar resultaten? Polyamory is allesbehalve schadelijk voor de kinderen. Eigenlijk heeft het voordelen. De ouders krijgen immers meer hulp bij de zorg voor de kinderen. De kinderen hebben altijd een betrouwbare volwassene bij zich met wie ze kunnen spelen en die ze in vertrouwen kunnen nemen.

Alleen verwarde mensen beoefenen polyamorie

We bekijken opnieuw de stelling van Tristan Taormino. Hij besluit dat niet-monogame mensen niet verward zijn en ook niet bang zijn om zich te binden. De waarheid is eigenlijk precies het tegenovergestelde. Mensen die polyamorie beoefenen, begrijpen vaak heel duidelijk wat ze willen en hoe ze het willen.

Polyamorie is alleen maar een excuus om promiscue te zijn

Dit is nog een mythe die Taormino in zijn boek ontmaskert. Hij behandelt dit keer het idee van promiscuïteit. Taormino stelt dat er echt niets verkeerd is met een actief seksleven tussen twee of meer mensen.

Je hebt dit nu allemaal gelezen. Geloof je nog steeds wat mensen over polyamorie zeggen? De wetenschap ontmantelt langzaam vele van deze overtuigingen die al heel lang bestaan. Het maakt ook ruimte voor discussie. De waarheid is dat vele wetenschappers geloven dat eer een goede reden is om te denken dat menselijke wezens in staat zijn om van meer dan één persoon te houden.

“Dat de liefde het enige is dat er is, is het enige dat we over de liefde weten.”

-Emily Dickinson-