Wat een ooggetuige zich herinnert: de kwaliteit van herinneringen

februari 14, 2019

Je geheugen kan je bedriegen. Herinneringen zijn allesbehalve een waarheidsgetrouwe weergave van de werkelijkheid. Wanneer je een verhaal vertelt over iets dat gebeurd is, dan vertel je het iedere keer op een andere manier. Forensisch psychologen vragen in feite aan een ooggetuige om niemand te vertellen wat gebeurd is.

Dit is een poging om hun herinneringen niet te besmetten. Hoe de geest werkt, is een interessant gegeven. Het is vooral interessant hoe het geheugen van een ooggetuige werkt. Is het mogelijk om je iets te herinneren dat niet gebeurd is?

Het ooggetuigenverslag is de kennis en het onderzoek waarmee deskundigen proberen de kwaliteit van de getuigenis vast te stellen die ooggetuigen verschaffen. Veel auteurs hebben bijdragen geleverd aan dit werkgebied. Het is relevant in de juridische en de forensische wereld.

De reconstructieve hypothese

Elisabeth Loftus is een wiskundige en psychologe. Ze gelooft dat herinneringen gemanipuleerd kunnen worden. Het gevolg is dus dat het mogelijk is om door de kracht van suggestie te gebruiken valse herinneringen “in te brengen.” Eigenlijk gelooft zij dat de herinnering van een ooggetuige heropgebouwd is. Waarom is dat?

De reconstructieve hypothese

Wanneer iemand getuige is van een gebeurtenis, dan slaan ze twee soorten informatie op. Aan de ene kant heb je de informatie die verzameld hebben toen ze van de gebeurtenis zelf getuige waren. Anderzijds is er de informatie die ze na de gebeurtenis verzameld hebben.

Deze twee soorten informatie voegen zich samen. Dit laat het fenomeen van de reconstructie ontstaan. De getuige kan zich na verloop van tijd details over de gebeurtenis herinneren die hij eigenlijk niet gezien heeft. Ook het tegenovergestelde is waar. Ze kunnen ook dingen vergeten die ze wel gezien hebben.

“Waarom zijn herinneringen heropgebouwd? Omdat de hersenen leegte haten.”

-Scott Fraser-

De voornaamste factoren die het ooggetuigenverslag beïnvloeden

Wanneer een persoon getuige is van een misdaad, dan moet je met meerdere dingen rekening houden. De getuigenis zal namelijk variëren afhankelijk van of een herinnering al of niet beschouwd wordt als meer of minder nauwkeurig en dus ook als meer of minder waardevol.

Een verdachte getuigenis

Meestal slaagt een persoon erin om slechts 20% te registreren van wat ze zien. In het geval van ooggetuigen ligt dit percentage zelfs nog lager. Dat komt omdat de ooggetuige niet verwachtte dat dit zou gebeuren. Meestal doet het incident zich ook heel snel voor.

Gedurende deze momenten is er ook sprake van het effect “veranderingsblindheid.” We zijn dan niet in staat om veranderingen te zien die in de omgeving van een persoon optreden. De reden is dat we geen aandacht schenken aan de veranderingen.

Ook al kan iets belangrijk zijn, toch concentreren we ons niet op de details. We zien daarentegen alleen maar het grote plaatje (het was een overval, een diefstal, hij had een wapen, enzovoort). We maken dus het soort fouten die in een ooggetuigenverslag absoluut cruciaal zijn.

Voorafgaande verwachtingen

Vele studies tonen aan dat wat we onthouden, zich niet beperkt tot waarvan we op een rechtstreekse manier getuige waren. Het houdt ook rekening met onze verwachtingen. Voorafgaand aan de gebeurtenis hebben we kennis en inhoud uit andere ervaringen verworven. Die gaat ook een rol spelen (Bransford en Franks, 1971).

Met zijn theorie van de heropgebouwde herinnering verklaart Bartlett het idee over wat we zien. In zijn onderzoek toonde hij aan hoe de weergave van de lezer van het beroemde verhaal “War of the Ghosts” de oorspronkelijke versie veranderde.

Deze vervormingen waren een gevolg van een overdreven vereenvoudiging, weglaten van details en veranderen van enkele details met de eigen details van de proefpersoon.

De vragen kunnen de getuige leiden

Getuigen kunnen de aard van hun herinneringen ook veranderen als gevolg van wat gebeurt nadat ze de misdaad waarnemen.

Het soort vragen waarop de ooggetuige moet antwoorden, kunnen  een grote invloed hebben op wat ze zich herinneren. Het lichtpunt is dat de verschillen meestal klein of minder belangrijke details zijn. Ze hebben geen aanzienlijke invloed op een getuigenis.

Vragen kunnen de ooggetuige leiden

Individuele verschillen

Bij de analyse van de herinneringen van getuigen stellen deskundigen vast dat bij kinderen en oudere mensen de kans groter is dat ze de herinneringen vervormen. Kinderen zijn minder nauwkeurig. De oudere mensen zijn meer overtuigd van HUN waarheid. Ze geloven met andere woorden dat hun valse herinneringen correct zijn.

De leeftijd van de getuige kan ook een vooroordeel creëren. Wanneer ze de schuldige identificeren, zijn mensen nauwkeuriger als het leeftijdsverschil tussen de getuige en de verdachte klein is.

Het vertrouwen van de ooggetuige

De ooggetuige kan in zekere mate vertrouwen vertonen wanneer hij de verdachte identificeert. In het algemeen is dit vertrouwen geen goede voorspeller voor de nauwkeurigheid van hun getuigenis.

Het maakt niet uit hoeveel details ze zich herinneren. De emoties die ze tonen, of hun overtuiging zijn meestal geen synoniem voor het vertellen van de waarheid.

Omgevingsfactoren

Gemiddelde activatieniveaus zijn in het algemeen het best om zich dingen op een nauwkeurige manier te herinneren. Als de persoon zich gestrest of angstig voelt, dan zal hij meer problemen hebben om zich iets te herinneren.

Het ooggetuigenverslag bevestigt ook dat gewelddadige gebeurtenissen een grotere indruk nalaten dan niet-gewelddadige feiten. Wat vooral interessant is, is de manier waarop ooggetuigen zich op wapens concentreren.

Getuigen schenken zoveel aandacht aan het wapen van de aanvaller, dat dit hun aandachtsveld verkleint. Ze slagen er dus niet in om andere details te zien. Geweld zorgt ervoor dat ooggetuigen een heldere herinnering hebben van de kernervaring (het wapen). Anderzijds is hun herinnering van de omgevingsdetails vager.

Vaak hebben we een blind vertrouwen in ons vermogen om alles waar te nemen wat rond ons gebeurt. We zijn echter vaker niet in staat om veranderingen in onze omgeving op te merken. Het resultaat is dat onze herinneringen broos zijn. Het ooggetuigenverslag is een goed voorbeeld van die broosheid.