Palliatieve psychologische zorg bij een terminale ziekte

14 november, 2020
De diagnose van een terminale ziekte raakt iemand tot in de kern. Wil je weten waar de tussenkomst van psychologen in dit scenario op gericht is?

In dit artikel bespreken we palliatieve psychologische zorg bij een terminale ziekte. Je aanpassen aan je omgeving is altijd een uitdaging. Alles verandert tenslotte voortdurend en je kunt er maar tot op zekere hoogte controle over hebben.

Je hebt je misschien wel eens afgevraagd waarom sommige mensen die financieel helemaal goed zitten in het leven, zich toch nog aan iets binden of betrokken raken bij nieuwe projecten.

Aan de andere kant van deze natuurlijke neiging om complicaties en problemen op te zoeken, bevindt zich de situatie die de grootste uitdaging vormt voor je aanpassingsvermogen: de diagnose van een terminale ziekte.

We weten allemaal dat we zullen sterven. Je zou plotseling kunnen overlijden bij een auto-ongeluk, zonder dat je wist dat het eraan zat te komen toen je die ochtend wakker werd. De meesten van ons gaan er echter van uit dat we nog jaren te leven hebben, ook al is het maar omdat we nog steeds dingen moeten afvinken op onze to-do lijst.

Dit is hoe we leven. We maken plannen voor morgen, volgende week, volgende maand en volgend jaar. Met andere woorden: door de dood voor te stellen als een gebeurtenis ver in de toekomst of als een zeer kleine kans, plaatsen we onszelf op een unieke manier in ruimtetijd.

Dit vreemde bouwwerk dat we om ons heen bouwen begint af te brokkelen met een terminale ziektediagnose. In het artikel van vandaag willen we het hebben over het verdriet dat dit soort diagnoses met zich meebrengen. We bespreken ook de belangrijke aspecten van terminale ziektes waar psychologen zich gewoonlijk op richten.

Palliatieve psychologische zorg bij een terminale ziekte

Anticiperend verdriet bij een terminale ziekte

In deze situatie heeft het lichaam de neiging om te reageren alsof het bedreigd wordt. Op emotioneel niveau is angst de meestvoorkomende reactie, maar er zijn ook andere reacties mogelijk.

Het hangt meestal af van hoe de patiënt het nieuws verwerkt. Onmiddellijk nadat de diagnose van een terminale ziekte is gesteld (Engelse link), ontkennen veel mensen het. Dit is vooral het geval als de diagnose plotseling en onverwacht is. in plaats van na een behandeling om de voortgang van een ziekte te elimineren of te vertragen.

Daarom is een van de belangrijkste dingen die wij psychologen kunnen doen, de patiënt helpen het nieuws op een voor hem of haar begrijpelijke manier te verwerken. De eerste taak als professionals in de geestelijke gezondheidszorg is daarom om te luisteren en om er bij te zijn. We moeten onze patiënten leren kennen.

Een goede evaluatie zal ons namelijk leren over alles wat er samen met de hoop van de patiënt is verwoest. Het helpt ook bij het identificeren van de meest pijnlijke spijt die de je hebt als je weet dat je tijd tekort komt.

Onze hulp wordt zinvol wanneer de patiënt ons als een nuttig hulpmiddel gaat zien. Iemand waar je naartoe kunt voor effectieve strategieën om met hun lijden om te gaan. Het is niet de terminale ziekte op zich die onze aandacht vereist, maar het leed dat het veroorzaakt.

Eerste stappen

Na de angst die door het nieuws wordt veroorzaakt, is het belangrijk om met de patiënt samen te werken om hun emoties op verschillende niveaus te identificeren. Op cognitief niveau kunnen we de patiënt helpen om een plaats te vinden in deze nieuwe ruimtetijddimensie.

Leven in het hier en nu, dat door zoveel hulpboeken wordt aangemoedigd, is niet realistisch voor terminaal zieke patiënten. Als je het huis wilt verlaten, kleed je je aan. Als het tijd is om naar bed te gaan, poets je je tanden. Wanneer je op reis gaat pak je je koffer in. Met andere woorden, in deze gevallen zal de patiënt blijven nadenken over de toekomst en dat is ook nodig.

De meeste interventies in deze context richten zich op het gevoel van bedreiging, veroorzaakt door:

  • Gecompromitteerde levensintegriteit.
  • Onzekerheid over wat er zal gebeuren na het overlijden.
  • Gebrek aan middelen.
  • Een negatieve houding ten opzichte van de ziekte.

Op fysiologisch niveau veroorzaakt angst activering. Bedenk dat het de emotie was die onze voorouders hielp ontsnappen aan roofdieren in het wild. Daarom zou het erg goed zijn voor de patiënt om die overactivering los te laten.

Ontspanningstechnieken en lichaamsbeweging kunnen daarbij nuttig zijn. De opties zijn sterk afhankelijk van de fysieke toestand van de patiënt. Hun levensstijl, gezondheidsgeschiedenis, bereidheid en ondersteuningsnetwerk zullen ook een rol spelen.

Voldoen aan de behoeften van de patiënt met een terminale ziekte

Het belangrijkste uitgangspunt voor interventie, zoals Mariant Lacasta voorstelt in haar artikel De rol van psychologie in palliatieve zorg (vertaald uit het Spaans), het identificeren van de behoeften van de patiënt. De effectiviteit van een interventie hangt af van of we in staat zijn om te voldoen aan de behoeften van de patiënt die binnen onze mogelijkheden liggen.

We hebben het gehad over luisteren, waaronder het normaliseren van de emoties van de patiënt (vooral tegenstrijdigheden die tijdens het proces naar boven kunnen komen), omgaan met angst, wat we al noemden, angst om de mensen om hen heen in de steek te laten en het beheren van de hoop die bijna altijd aanwezig blijft, hoe slecht het nieuws ook is.

Het is belangrijk om geen onrealistische verwachtingen te wekken, maar we mogen ook geen gematigd optimisme over toekomstige gebeurtenissen ontmoedigen.

Dit is eigenlijk een van de meest delicate onderdelen van elke behandeling of ingreep, omdat het een grote gevoeligheid vereist. Houd in gedachten dat we niet altijd zullen werken met iemand die zich volledig bewust is van zijn of haar aanstaande overlijden of die zal praten als iemand die niet meer beter zal worden.

Een gesprek om de patiënt goed te begrijpen

Interventie met vrienden en familieleden

Een van onze taken kan ook zijn om ondersteuningsnetwerken van een patiënt te trainen. Er zijn mensen die ook te maken krijgen met anticiperend verdriet en mogelijke psychische problemen. Er zullen momenten zijn waarop de patiënt waarschijnlijk niet wil praten maar de mensen om hen heen hebben die communicatie nodig, en vice versa.

Hoe het ook zij, als je merkt dat iemand zich in een risicovolle situatie bevindt, stel diegene dan direct een behandeling voor. In veel gevallen zou het het beste zijn als een andere professional de zaak op zich neemt, terwijl je de open communicatielijnen behoudt.

Het is ideaal om de interventie te laten plaatsvinden met input van alle gezondheidswerkers die bij de zaak betrokken zijn. Dit soort samenwerking vergroot de kans om ervoor te zorgen dat de patiënt voelt controle te hebben over het proces.

Misschien kan de patiënt niet meer alleen naar buiten, maar kan hij of zij nog wel besluiten wanneer ze gaan of welke kleding ze dragen. Hoewel dit misschien onbeduidend lijkt, is het erg belangrijk voor patiënten die met veel meer beperkingen te maken hebben.

Sánchez Sobrino M y Sastre Moyano P (1996). Cuidados paliativos domiciliarios y hospitalarios. En González Barón M, Ordoñez A, Feliu J, Zamora P, Espinosa, E. Medicina Paliativa. Madrid: Médica Panamericana.