Antoni Gaudí: een wonderbaarlijke architect

08 februari, 2020
Antoni Gaudí was een zeer intelligente en getalenteerde man. Een unieke persoon, dit is zeker. Leer in dit artikel alles over hem!

Antoni Gaudí was meer dan een architect. Hij was een kunstenaar die in elk van zijn werken een betrouwbaar bewijs van zijn vindingrijkheid en gevoeligheid achterliet. Zijn stijl is uniek en onmiskenbaar. Dat is een van de redenen waarom veel van zijn werken momenteel op de werelderfgoedlijst van UNESCO staan.

Gaudí had drie grote passies: natuur, kunst en religie. Hij wijdde het beste van zijn talent en vermogen aan deze drie zaken. Hij had eigenlijk geen sociaal leven meer, omdat hij zich volledig aan zijn werk en overtuigingen wijdde.

Hoewel zijn bijzondere manier van kijken naar architectuur in zijn tijd hoog in het vaandel stond, begon men hem na zijn dood pas echt te waarderen. Vandaag de dag staat hij bekend als een van de belangrijkste architecten aller tijden. Niet alleen dat, maar ook veel mensen bestuderen zijn werk.

Antoni Gaudí, een stil kind

Het Batlo-huis in Barcelona

Een van de meest opmerkelijke dingen in het leven van Antoni Gaudí was, dat hij in een ambachtelijke familie werd geboren. De vijf generaties voor hem maakten koperen producten. Zo maakten zijn vader en zijn twee grootouders boilervaten. Dat wil zeggen dat ze vaten maakten voor de distillatie van druiven in Tarragona, Spanje.

Gaudí wees er vaak op dat de visioenen van deze fantastische voorwerpen tijdens zijn kindertijd ontstonden. Het feit dat hij in de buurt van zijn familie was, leerde hem de wereld als driedimensionaal op te vatten. Voor hem waren alle harde materialen en grote voorwerpen kneedbaar. Zo paste hij later dit unieke concept toe op zijn ontwerpen.

Het is niet bekend of Antoni Gaudí in Reus of in Riudoms geboren is. Hij beweerde zelf soms van de een en soms van de andere plaats te komen, en deed dit gedurende zijn hele leven.

Wat we wel weten is zijn geboortedatum: 25 juni 1852. We weten ook dat zijn gezondheid zo kwetsbaar was, dat zijn ouders besloten hem meteen na zijn geboorte in de katholieke kerk te dopen, vooral omdat ze dachten dat hij zou sterven.

Hij was ook echt een ziekelijk kind. Hierdoor werd hij een introvert en hield ervan om de natuur te bestuderen. Zijn architectonische ontwerpen imiteerden altijd organische dingen die in de natuur te vinden waren. Zo gaf hij de voorkeur aan rondingen van de echte wereld, boven de rechte lijnen van de blauwdrukken. Dit alles leidde tot zijn onmiskenbare stijl.

Een ander soort architect

Nadat zijn familie naar Barcelona was verhuisd, ging Antoni Gaudí in 1874 architectuur studeren aan de universiteit daar. In datzelfde jaar ontwikkelde hij zijn eerste ontwerpen en verdiepte hij zich in de studie van de architectonische werken van verschillende culturen.

In 1876 stierven zijn moeder en zijn broer. Zij was 57 jaar oud en zijn broer was slechts 25 jaar oud. Deze laatste was onlangs afgestudeerd als arts. De dubbele tragedie was een zware klap voor Gaudí. Ook werd hij daardoor gedwongen om in deeltijd als technisch tekenaar te werken om zijn opleiding af te kunnen maken.

Drie jaar later stierf ook Rosa, zijn enige nog levende zus. Gaudí nam de zorg van haar dochtertje na haar dood over. Datzelfde jaar ontmoette hij de ondernemer Eusebi Güell, die later zijn grote vriend en beschermheer werd. Zo werd Gaudí steeds populairder.

Pech en succes

Park Güell in Barcelona

Antoni Gaudí hield gedurende zijn hele leven slechts van één vrouw. Haar naam was Pepeta Moreu. Ze was een borduurster, die hem schreef dat het spandoek voor de Cooperativa Obrera Mataronense die hij door haar wilde laten maken te moeilijk was. Het was liefde op het eerste gezicht.

Sinds hun ontmoeting at hij elke zondag bij Pepeta thuis. Hij bracht meestal Rosa mee, zijn kleine nichtje. Toen hij Pepeta ten huwelijk vroeg, wees ze hem af. Antoni Gaudí was ook niet bepaald een supermodel, hij was eigenlijk precies het tegenovergestelde. Sommige mensen zeggen dat Pepeta hem afwees, omdat ze niet kon trouwen met een man die “een snor vol snot” had.

In 1883 begon hij met de bouw van zijn meesterwerk: De Basílica de la Sagrada Família in Barcelona. Hij werd ook een soort van heremiet, en steeds mysterieuzer en religieuzer.

Ook werd hij meer toegewijd dan ooit aan zijn werk. Hij woonde meerdere malen per dag de katholieke mis bij en onderwierp zich aan allerlei gruwelijke vastenrituelen, die zijn gezondheid in gevaar brachten.

De dood van zijn vader greep hem erg aan, en daarna overleed ook zijn nichtje, voor wie hij de zorg droeg. Zelfs de dood van Eusebio Güell, zijn vriend en weldoener, bleef hem niet bespaard.

Antoni Gaudí werd in 1926 aangereden door een auto. Doordat hij eruit zag als een bedelaar, bracht de overheid hem naar een liefdadigheidsinstelling. Hij stierf drie dagen later. Barcelona rouwt tot op de dag van vandaag om zijn dood.

  • Ramírez, J. A. (1998). La metáfora de la colmena: de Gaudí a Le Corbusier (Vol. 13). Siruela.