De woordassociatietest van Carl Jung

oktober 24, 2019
De woordassociatietest van Carl Jung is wellicht in staat om een groot deel van het onderbewuste te onthullen. Nieuw onderzoek toont aan dat woorden inderdaad van belang zijn.

De woordassociatietest van Jung is één van de meest fascinerende psychologische evaluaties. Het is gebaseerd op het idee dat jouw onderbewuste soms de controle over de bewuste wil kan overnemen. Eén enkel woord kan dus trauma’s uit het verleden losmaken of onopgeloste innerlijke conflicten onthullen.

Dit instrument werd gedurende meerdere tientallen jaren algemeen aanvaard. Deskundigen gebruikten het in een ruim gebied van contexten. Toch moeten we vermelden dat dit een projectieve test is.

Experts moeten het dus samen met andere hulpmiddelen, evaluaties en gesprekken gebruiken om op die manier tot duidelijkere en nauwkeurigere besluiten te komen.

Carl Jung heeft de woordassociatietest in het begin van de twintigste eeuw ontworpen. Hij wou met dit instrument het onderbewuste ontrafelen. Jung wou immers de uitingen van het onderbewuste begrijpen en gepaste kanalen vinden om het te ontleden.

Dit zou deskundigen verder helpen om het te begrijpen. Uiteindelijk zou het ook die problemen aan het licht brengen die de vrijheid en het welzijn van de patiënt belemmeren.

De techniek kon niet gemakkelijker zijn. De persoon die de test uitvoert, zegt een woord tegen de patiënt. Dan moet de patiënt antwoorden met het eerste woord dat bij hem opkomt. Deskundigen beweren dat de stimulerende begrippen vaak bijna altijd emotionele lasten naar boven brengen.

Bovendien moet de therapeut ook de lichamelijke en emotionele reacties analyseren. Zodra de test beëindigd is, zullen ze deze reacties samen met de 100 woorden interpreteren. Ondanks dat deze test meer dan een eeuw oud is, beschouwt men het nog steeds als redelijk betrouwbaar.

Doelstellingen kenmerken en toepassingen van de woordassociatietest

Doelstellingen, kenmerken en toepassingen van de woordassociatietest van Carl Jung

Op het eerste zicht vinden de meeste mensen dit wellicht niets meer dan een spel. De test bestaat erin dat iemand een woord zegt en dat de ander antwoordt met het eerste wat hem in zijn geest te binnen schiet.

De test gaat echter verder dan alleen de verbale reactie. De therapeut moet immers ook aandacht schenken aan de fysiologische reactie op het stimulerende woord. Zoals je misschien kan zien uit deze beschrijving, is de woordassociatietest van Jung gebaseerd en gefundeerd op verschillende theoretische onderdelen.

De bewuste geest en de pijnpunten

In het begin van zijn carrière werkte Carl Gustav Jung in het Burghölzli psychiatrisch ziekenhuis van de universiteit van Zurich. Daar werkt hij onder leiding van Eugen Bleuler. Misschien herinner jij je dat Bleuler vele begrippen ontworpen heeft die we vandaag in de vakgebieden van de psychologie en de psychiatrie gebruiken.

Jung begon met trauma’s en complexen te onderzoeken. Volgens hem waren dromen een manier om ze te begrijpen en ze aan het licht te brengen. Je kon ze ook laten ontstaan door middel van een actieve verbeelding of fantasie.

Tijdens zijn dagelijks werk met patiënten ontdekt hij dat bepaalde woorden en uitdrukkingen als stimulerende prikkels op de onbewuste geest werkten.

Er was één methode waarmee hij deze activatie kon teweeg brengen en contact krijgen met het psychologische universum van het trauma, de angsten en de innerlijke conflicten. Deze techniek bestond erin een groep sleutelwoorden op te roepen. Om deze theorie uit te testen heeft hij de woordassociatietest ontworpen.

Hoe passen therapeuten deze test toe?

Hoe gebruiken therapeuten de woordassociatietest

Jung maakte eerst en vooral duidelijk dat de test niet bij iedereen een nuttig instrument is. Het is bijvoorbeeld niet goed voor mensen die op een buitensporige manier weerstand bieden aan de test of voor de personen die de test niet ernstig nemen.

Ook patiënten die geen goede controle hebben over hun taalvermogens zullen niet van deze test kunnen profiteren. Tot deze categorie behoren mensen met taalproblemen als gevolg van ouderdom, met moeilijkheden om te begrijpen, met neurologische problemen, ontwikkelingsgebreken of andere kwesties.

De test houdt in dat men de patiënt 100 stimulerende woorden aangeeft. In de confrontatie met elk woord moet de patiënt luidop het eerste zeggen wat bij hem opkomt. De patiënten moeten dit op een snelle en automatische manier doen.

De therapeut schrijft de term op en moet dan aandacht schenken aan andere factoren. Voorbeelden van deze factoren zijn de tijd nodig om een antwoord te geven, het niveau van ongemak en de gelaatsuitdrukking van de patiënt. Ook de houding, de stiltes en de herhaling van het stimulerende woord kunnen belangrijk zijn.

De betrouwbaarheid van de woordassociatietest van Carl Jung

Carl Jung ontdekte dat dit instrument een uitstekend hulpmiddel was in gezinstherapie. Wanneer hij de test in deze situaties gebruikte, nam hij gelijksoortige reactiepatronen waar. Dit maakte het mogelijk om de oorsprong van meervoudige problemen te bepalen.

Korte tijd later verliet Jung zelf het gebruik van deze test. Dat kwam omdat zijn interesse in de experimentele psychiatrie groeide. Beroepskrachten bleven deze test echter gebruiken tot 2005. Nu gebruikt men het alleen nog in de programma’s van de Jungiaanse therapie of als een aanvullende projectieve techniek.

De betrouwbaarheid van de woordassociatietest

In 2013 heeft Dr. Leon Petchkovsky over dit onderwerp een interessant onderzoek uitgevoerd. Door middel van magnetische resonantietechnieken toonde hij aan dat de woorden uit de woordassociatietest van Jung heel onthullende neurologische reacties bij mensen uitlokten.

De spiegelneuronen werden geactiveerd wanneer mensen woorden hoorden als vader, familie, misbruik, angst, kind, enzovoort.

Er was ook sprake van enige hersenactiviteit in gebieden zoals onder andere de amygdala, de insula en de hippocampus. Bij mensen met posttraumatische stress waren de resultaten bijzonder opvallend.

Al dit bewijs toont ons dat woorden emoties, herinneringen en gedachten oproepen die we vaak negeren. Ondanks het feit dat vele mensen kritiek hebben op de woordassociatietest van Jung, is het nog steeds een relevant hulpmiddel. Meerder onderzoeken ondersteunen zijn nut.

Miller, D. B. (2001). A normative study for the word association test among college students. Dissertation Abstracts International: Section B: The Sciences and Engineering.

Ruff, R. M., Light, R. H., Parker, S. B., & Levin, H. S. (1996). Benton controlled Oral Word Association Test: Reliability and updated norms. Archives of Clinical Neuropsychology. https://doi.org/10.1016/0887-6177(95)00033-X

Patterson, J. (2011). Controlled Oral Word Association Test. In Encyclopedia of Clinical Neuropsychology. https://doi.org/10.1007/978-0-387-79948-3_876

Ross, T. P., Calhoun, E., Cox, T., Wenner, C., Kono, W., & Pleasant, M. (2007). The reliability and validity of qualitative scores for the Controlled Oral Word Association Test. Archives of Clinical Neuropsychology. https://doi.org/10.1016/j.acn.2007.01.026

Petchkovsky, L. (2017). Advances in functional brain imaging technology and developmental neuro-psychology: their applications in the Jungian analytic domain. Journal of Analytical Psychology. https://doi.org/10.1111/1468-5922.12320